Student - 1 maart 2007

Universiteit zoekt contact met eerstejaars

Eerstejaars studenten aan Wageningen Universiteit die al in het begin slecht presteren, hebben een grote kans dat ze het de rest van hun studie moeilijk blijven houden. Deze constatering leidt echter niet tot invoering van een bindend studieadvies. De aanpak ligt volgens de onderwijsafdeling bij een betere ondersteuning in het begin.

Gemiddeld valt vijftien procent van de studenten aan Wageningen Universiteit af in hun eerste jaar. In het tweede jaar loopt dit op tot in totaal twintig procent. Volgens Ab Groen, hoofd van de stafafdeling Onderwijs en onderzoek, valt al uit de eerste twee periodes op te maken hoe een eerstejaars het de rest van zijn studie zal doen. ‘Als ze weinig studiepunten halen is de kans groot dat de studenten blijven kwakkelen.’
Dit is echter geen reden om hen met een bindend studieadvies naar huis te sturen. ‘Dat is een oude discussie die af en toe weer boven komt, maar wij kiezen daar niet voor’, aldus Groen. Om de kans te vergroten dat studenten vanaf het begin beter presteren richt de universiteit zich op een beter contact met eerstejaars studenten. Dit begint al bij de werving, zegt Groen. ‘Studenten kiezen bewust voor Wageningen op basis van bepaalde beelden. De beelden van de wervingsactie moeten kloppen met de inhoud van de studie. Als voor de opleiding Dierwetenschappen een paard in de folder staat, is het belangrijk dat de eerstejaars al in hun eerste of tweede periode met een paard in aanraking komen en niet pas helemaal aan het eind van het jaar.’
Ook gedurende de rest van de studietijd is aansluiting bij de verwachtingen van studenten belangrijk. Een werkgroep heeft vorig jaar gekeken hoe studiebegeleiders hier een rol in kunnen spelen. Egbert Kanis, studieadviseur van Dierwetenschappen, zat in de werkgroep. Zijn studenten krijgen nu bij het begin van hun studie een enquêteformulier om zo te ontdekken waar hun belangstelling ligt en waarom. De uitkomsten dienen als basis voor individuele kennismakingsgesprekken met de eerstejaars in de weken daarop. ‘Deze intakegesprekken zijn niet om te bepalen of studenten wel of niet mogen worden toegelaten’, benadrukt Kanis. ‘Maar hiermee kunnen we trends bijhouden en hier ons aanbod van bijvoorbeeld afstudeeronderwerpen op aan laten sluiten. Dit voorkomt teleurstellingen en versterkt de motivatie.’

Re:ageer