Wetenschap - 1 januari 1970

Universiteit tel uit je winst

Universiteit tel uit je winst

Universiteit tel uit je winst


Geen democratie, zonder bureaucratie. Aldus Max Weber, een van de founding
fathers van de sociologie. Gelijk had ie. De willekeur van een dictator of
een brallende baas is funest voor de democratie. Daarvan liggen de
voorbeelden voor het oprapen. We zijn nu bijna een eeuw verder en ik weet
zeker dat de grote Max zich in zijn graf zou omdraaien als hij zou weten
welke zegeningen de bureaucratie ons uiteindelijk heeft gebracht. Zijn
Pruisische ambtenarij is niets met de regels waarmee de hedendaagse
verzorgingsstaat in reconstructie zijn burgers, boeren en buitenlui
bestookt.
Neem de universiteit. Een universiteit is, ik parafraseer de wet op het
hoger onderwijs, een instelling die jonge mensen een opleiding op
academisch niveau geeft. Om dit niveau te bereiken is het verrichten van,
zo u wilt fundamenteel, onderzoek binnen de academische instelling van nut.
Inmiddels schijnt dit doel van de universiteit in sommige kringen geheel en
al vergeten te zijn. Volgens een conservatieve schatting mijnerzijds,
duidelijke cijfers zijn helaas nergens verkrijgbaar, is veertig procent van
de beambten werkzaam als regelaar in algemene en/of bijzondere dienst. De
rest is min of meer bezig met de uitvoering en de ondersteuning van de
oorspronkelijke, in de wet genoemde, taken. Jaren geleden was deze
verhouding, met meer reguliere studenten en met veel meer eigenzinnige
karakters geheel anders. Het hoofdgebouw was overzichtelijk en knus. De
salarisbetalingen kwamen ook toen vrijwel op tijd. Er was zelfs een actuele
telefoongids waar bijna iedereen in vermeld stond.
Soms leek het nog een beetje op een dictatuur, want op snikhete dagen
kondigde de toenmalige secretaris van de Landbouwhogeschool, zonder enig
overleg, maar wel met instemming van een ieder, het tropenrooster af.
Andere ingewikkelde beslissingen werden in de senaatszaal genomen en later
binnen de hogeschool/universiteitsraad en zelfs een enkele keer in de
faculteitsraad. Er was weliswaar sprake van enige bureaucratie, maar het
was de bureaucratie volgens het oude model van Max Weber. De ouderen onder
de lezers zullen hieraan met weemoed terugdenken.
Ik wil niemand beledigen, dat ligt niet in mijn aard, maar waar zijn we
tegenwoordig bezig? Ik geef slechts één willekeurig gekozen voorbeeld. Er
zijn er tallozen te noemen. Een of andere Zoetermeerse ambtenaar met Zeer
Uitgebreid Lager Onderwijs (ZULO) (met dank aan Piet Vroon) vindt het nodig
dat er voor onze opleidingen competenties of zoiets opgesteld moeten
worden. Waarom weet niemand en ik maak me ook sterk dat geen hond voor dit
proza enige belangstelling heeft. Het onderwijs wordt er niet beter op, de
studenten worden er niet wijzer van en de docent verandert er in het geheel
niet door. Alleen de bureaucratische ergernis binnen de faculteit neemt
angstwekkende vormen aan. We protesteren niet, we schrijven geen boze
brieven naar de VSNU, het College van Bestuur, mejuffrouw Nijs, meneer
Veerman of ons eigen kamerlid. Wij vullen de formulieren braaf in. Daarom
is het juk van dit bureaucratisch geweld onze eigen schuld en zal over
enkele jaren de overgrote meerderheid van het personeel zich helemaal niet
meer met onderwijs en/of onderzoek bezighouden. Universiteit tel uit je
winst.

Kees de Hoog

Re:ageer