Wetenschap - 1 januari 1970

Universitair personeel krijgt vier procent meer loon

Universitair personeel krijgt vier procent meer loon

Universitair personeel krijgt vier procent meer loon

Vier procent. Dat is de salarisverhoging waarover werkgevers en vakbonden in het wetenschappelijk onderwijs het uiteindelijk eens zijn geworden. Deze week bereikten zij een akkoord over een nieuwe cao


Op 1 juni gaat universitair personeel er drie procent in loon op vooruit. Vanaf mei volgend jaar krijgen zij daar nog eens een procent bovenop. Daarnaast krijgen ze in december 1999 een eenmalig uitkering van driekwart procent

Werkgeversonderhandelaar Peperkamp zegt tevreden te zijn over de uitkomsten. Zijn tegenspeler van de AbvaKabo, Janine Jongepier, heeft gemengde gevoelens

Geld was de afgelopen weken de belangrijkste hindernis in de onderhandelingen. De bonden wilden de loonsverhoging van drie procent eigenlijk al op 1 januari laten ingaan, de werkgevers hadden ingezet op 1 oktober. Daarnaast wilden de werkgevers dat de bonden anderhalf jaar tevreden zouden zijn met de loonsverhoging, terwijl de bonden al na een jaar over een nieuwe loonsverhoging wilden praten

De bonden gaven uiteindelijk toe op het punt van de looptijd: die wordt zeventien maanden. Maar in ruil daarvoor sleepten zij alvast een extra loonsverhoging van een procent in mei 2000 binnen

Voor de bonden waren ook de salarissen voor assistenten in opleiding een zwaar punt. Hun zin kregen ze niet (alle aio's in schaal 10), maar desondanks gaan aio's er volgend jaar iets op vooruit: afhankelijk van de bestaande toeslagen ongeveer vijf procent in hun eerste jaar, drie in het tweede en een in het derde

Naar de ambtenarenstatus van het personeel wordt onderzoek gedaan, zo is in de cao vastgelegd. De werkgevers wilden die status afschaffen, de bonden niet. Het onderwerp komt nu in de onderhandelingen over een volgende cao opnieuw ter sprake.

Re:ageer