Wetenschap - 8 maart 2007

Uitsterven gaat sneller dan gedacht

De modellen waarmee biologen bepalen hoeveel schade de mens toebrengt aan kwetsbare dieren en planten geven een te rooskleurig beeld van de werkelijkheid. Dat ontdekte een Wageningse wiskundige. Ze maakte een nieuw, nauwkeuriger model dat al alarm slaat als de oude modellen nog zeggen dat er geen reden tot zorg is.

‘Ons model beschrijft situaties waarin de ene soort de andere wegvaagt’, zegt dr. Lia Hemerik van Biometris. ‘Het is een ruimtelijk model waarmee je bijvoorbeeld kunt beschrijven hoe de mens met zijn beschaving soorten verdringt die alleen in ongerepte natuur voorkomen.’
Als er gegevens over een langere periode in dergelijke modellen zitten, voorspelt het model wanneer een soort definitief zal zijn uitgestorven. Dat doen de bestaande modellen ook. Hemeriks model wijkt daar echter op een cruciaal punt van af.
‘De oude modellen gaan uit van de veronderstelling dat in het totale gebied dat de mens nog niet heeft geannexeerd de bedreigde soort evenredig is verspreid’, zegt Hemerik. ‘Dat is in werkelijkheid natuurlijk niet zo. Je vindt op de ene locatie meer individuen van een soort dan op de andere. De ene locatie biedt een soort nu eenmaal meer kansen dan de andere. Ons model houdt met dat patroon wél rekening. En dan blijkt ineens dat het punt waarop een bedreigde soort definitief het veld ruimt sneller wordt bereikt dan de oude modellen aangeven.’
Hemerik publiceert haar model binnenkort in Acta Biotheoretica. Ze ontwikkelde het in samenwerking met biologen van Alterra en de Vrije Universiteit.

Re:ageer