Wetenschap - 7 januari 2011

Tuinbouw haalt klimaatdoelstelling

Nederlandse tuinders gaan veel efficiënter om met energie dan twintig jaar geleden. Ze besparen niet alleen op gasverbruik, maar met hun wkk-installaties produceren ze ook nog eens tien procent van de nationale elektriciteitsvraag. Dat blijkt uit onderzoek van het LEI.

De glastuinbouw gebruikte in 2009 53 procent minder brandstof per kilo groenten en bloemen dan in 1990.  Daarmee zijn de tuinders nog maar vier procent verwijderd van de doelstelling in het Agroconvenant. Die mikt op een reductie van 57 procent per eenheid product in 2020. Door deze energiebesparing is de CO2-emissie met 1,5 megaton gedaald tot 5,3 megaton. Daarmee voldoen de tuinders al aan de klimaatdoelstelling voor 2020. De feitelijke energiebesparing is veel lager – de tuinders produceren veel meer groenten en bloemen dan twintig jaar geleden met minder energie.
 
WKK
De tuinders stoken gas om hun kassen te verwarmen. Door betere isolatie en gesloten kassystemen hebben ze veel minder energie nodig dan vroeger. Bovendien produceren ze naast warmte ook elektriciteit in hun warmte-kracht-koppeling (wkk) installaties. Deze installaties, samen goed voor tien procent van de nationale stroomproductie, zijn veel efficiënter dan de gemiddelde energiecentrale in Nederland. De wkk’s produceren 1,7 megaton aan CO2, maar ze vervangen daarmee de stroom van energiecentrales ter waarde van 2,2 megaton. Daarmee brengt de tuinbouw de totale CO2-uitstoot in Nederland omlaag, redeneert het LEI. Bovendien produceert de tuinbouw daarmee meer stroom dan ze verbruikt.
 
Zonnewarmte
Een andere doelstelling uit het Agroconvenant, dat de tuinbouw het aardgas vervangt door duurzame energie, is echter nog lang niet gehaald. Het aandeel van zonnewarmte, biobrandstoffen, aardwarmte en inkoop van duurzame warmte in 2009 bedroeg slechts 1,3 procent. De doelstelling in het convenant is 4 procent in 2010 en 20 procent in 2020. De tuinders profiteren van een laag belastingtarief op aardgas. Ze betalen minder energiebelasting dan Nederlandse huishoudens, net als andere energie-intensieve sectoren.

Re:ageer