Wetenschap - 1 januari 1970

Training stuurt spierontwikkeling zebravis

Jonge zebravisjes die worden onderworpen aan duurtraining ontwikkelen in hun lijf meer rode ‘marathonspieren’. Ook verbenen de staartbotten van getrainde visjes sneller. ‘Bot- en spierontwikkeling wordt bij vissen voor een flink deel bepaald door de reacties van cellen op mechanische belasting’, concludeert dr. Talitha van der Meulen.

Het zebravisje is een geliefd modeldier voor ontwikkelingsbiologen. De meeste aandacht richt zich daarbij op de eerste vijf dagen na bevruchting als het beestje vanuit het ei is uitgegroeid tot een kleine vislarve. ‘Ik wilde juist kijken in hoeverre beweging invloed heeft op de ontwikkeling van het skelet en de spieren die daarná optreedt’, aldus Van der Meulen.
Om het effect van een verhoogde mechanische belasting te bestuderen liet Van der Meulen water door hun aquarium stromen, waardoor de zebravisjes gedwongen werden te zwemmen. De zebravisjes werden zo tien weken lang zes uur per dag getraind. ‘De visjes gaan daardoor sneller groeien en je ziet veranderingen in de spiersamenstelling ontstaan. De spieren langs de lichaamsas, die verantwoordelijk zijn voor de zwembewegingen, krijgen meer rode spiervezels. Dat is spierweefsel dat langzamer is, maar groot uithoudingsvermogen heeft. Vreemd genoeg zie je bij de hartspieren juist meer snelle, witte spiervezels verschijnen die minder uithoudingsvermogen hebben. Dat is vreemd omdat het hart juist bij uitstek een langzame spier is die natuurlijk nooit vermoeid mag raken’, aldus Van der Meulen.
Directe praktische implicaties van haar onderzoek zijn er volgens haar niet. ‘Het is vrij fundamenteel onderzoek dat laat zien dat ook niet-genetische factoren een belangrijke rol spelen bij de ontwikkeling van botten en spieren.’ / GvM

Dr. Talitha van der Meulen promoveerde op woensdag 14 december bij prof. Johan van Leeuwen, hoogleraar Experimentele zoölogie.

Re:ageer