Wetenschap - 25 januari 2001

Togonese crisis

Togonese crisis

Bastiaan Schoenmaker, zesdejaars Tropisch landgebruik:

"Net terug uit Latijns-Amerika reisde ik af naar Togo, West-Afrika, om daar een afstudeervak te doen. Het internationale bemestingsinstituut kwam erachter dat ma?s in combinatie met groenbemesters - ondergeploegde planten - zorgde voor een hogere opbrengst dan velden met allen maar ma?s, en had geen flauw benul waar dit aan lag. Met een gewasgroeimodel ben ik dit mysterie gaan onderzoeken. Het model was erg beperkt en niet echt bruikbaar. Toen ben ik met bestaande literatuur en handberekeningen erachter gekomen dat de oorzaak van de verhoogde ma?sopbrengst de extra stikstof was.

Het land zat in een ernstige economische crisis. Ik merkte hier veel van. Wanneer ik benaderd werd door locals, dan vroegen ze vaak om geld en wilden mij van alles verkopen. Ik kon geen aansluiting vinden bij de lokale bevolking. Onze belevingswereld lag te ver uit elkaar. Oppervlakkig contact ging nog wel, maar daarna hadden we niets meer om over te spreken.

Ondanks de economische recessie leefde ik tamelijk luxe in een koloniaal pand met divers personeel: een wasvrouw, twee bewakers en een kok. Die kok kon fantastisch koken, gelukkig, want de snacks langs de weg bestonden uit blokken gebakken koe waar huid en haar nog aanzat. Daar werd ik niet bepaald geil van. Helaas hebben we de bewakers moeten ontslaan omdat ze spullen van ons stalen.

Je merkte goed aan de mensen daar dat ze betere tijden gekend hadden. Zo ook ikzelf. Normaal ben ik een rasechte optimist maar ik werd daar depressief door de malariamedicijnen. Toch heb ik wel kunnen genieten van schaarse momenten zoals films kijken in de openlucht op het dak van de woning van Amerikaanse mariniers. Lekker gezellig naar de kroeg bier zuipen met andere westerse studenten, naar het strand buiten de stad elke zondag, en lekker zwemmen in de zee. Ik was niet voorbereid op kolonies zee-egels. Dagen na het zwemmen in de zee zweerden de zee-egelstekels nog uit mijn voeten.

Verder was er weinig interessants te doen in de vrije tijd. Discotheken leken meer op hoerenkasten voor rijke Afrikanen en westerlingen en waren gruwelijk duur. In de hoofdstad, Lom?, waar ik verbleef, was slechts een piepklein zwembadje waar je verkoeling kon vinden. Gelukkig kon ik wel mijn energie kwijt op de sportschool, waar ik meer aanspraak had bij de Afrikaanse studenten.

De sfeer in Togo had meer te maken met de situatie aldaar en niet zozeer met de Afrikanen an sich. Ik ben nog op vakantie gegaan in Ghana en daar waren de mensen heel aardig en attent. Ondanks dat mijn verblijf in Togo mij tegengevallen is, heb ik net verheugd een baan in Zuid-Afrika aangenomen bij een Nederlandse bloementeler."

Eva Boels

'Dagen na het zwemmen zweerden de zee-egelstekels nog uit mijn voeten'

Re:ageer