Organisatie - 7 februari 2008

Toetstelefoon maakt geen eind aan klassenstrijd

Nog even en alle medewerkers van Wageningen UR gaan bellen via internet. Het is niet de eerste revolutionaire telefoonvernieuwing in de geschiedenis van de instelling. Zo verschenen er zo’n dertig jaar geleden opeens druktoetstoestellen op de bureaus waarmee ‘verbindingen razendsnel tot stand worden gebracht’. Maar de ongekende mogelijkheden van doorschakelen en interlokaal bellen waren niet voor iedereen bedoeld.

De nieuwe druktoestellen worden uitgepakt voor distributie.
‘Aan alle medewerkers van de LH wordt dringend verzocht niet op maandag 4 september massaal te gaan uitproberen wat wel of niet mogelijk is op het eigen toestel. Ook al krijgt men de afschakeltoon voor handelingen waartoe het toestel niet gerechtigd is, men blokkeert dan wel de lijnen voor een ander. Daardoor kan het telefoonverkeer gestoord worden, wat chaotische toestanden met zich mee kan brengen. Alleen dat wat op het instructieboekje is aangekruist is mogelijk op het toestel dat daar bij hoort’.
Onder de dwingende kop ‘Niet experimenteren’ staat in het Wageningse Hogeschoolblad (WHB) van 1978 deze oproep. Aanleiding is de ingebruikname van een nieuwe telefooncentrale en ‘druktoontoestellen’. Een nieuw visitekaartje van de Landbouwhogeschool dat maar liefst zes miljoen gulden kost, ruim 2,7 miljoen euro.
In het paginagrote artikel benadrukt de projectleider, de heer Swets van Bouwzaken, dat de telefooncentrale sober van start zal gaan en er sprake is van een ‘gigantische operatie’. Een jaar ervoor is de ruimte achter de Aula al verbouwd om de nieuwe apparatuur voor de computerbestuurde telefooncentrale – de EBX 8000 van Philips, ‘de eerste van deze soort in het telefoondistrict Arnhem’ – te kunnen plaatsen. ‘Duizenden draadjes zijn de afgelopen maanden zodanig gesoldeerd dat ongestoord bellen mogelijk zal zijn’, zo verzekert Swets.
Op vrijdag 1 september begint een team van vijftig mensen met de verwisseling van de 2500 toestellen. ‘Maandagmorgen 4 september vinden alle medewerkers van de LH een nieuw toondruktoestel op de plaats waar zij de vrijdag tevoren hun kiesschijftoestel achterlieten.’ Ter geruststelling: ‘de wandtoestellen blijven voorlopig nog hangen en blijven voor gebruik beschikbaar’.
Medewerkers wordt op het hart gedrukt na te gaan tot welke ‘verkeersklasse’ men behoort. De nieuwe toestellen zien er aan de buitenkant allemaal hetzelfde uit – ‘geen indrukwekkende toestellen meer met veel knoppen en lampjes’) – maar toch krijgt niet iedereen de beschikking over dezelfde faciliteiten. Het interlokaal bellen – het ‘aantal lijnen met de buitenwereld’ stijgt van 48 naar 70 – zonder tussenkomst van de centrale en de chef-secretaresseschakelingen zijn natuurlijk niet voor iedereen bedoeld.
Projectleider Swets in het WHB: ‘Je kunt bepaalde voorzieningen niet eindeloos weggeven. Neem bijvoorbeeld het zogenaamde follow-mesysteem. Dat is een systeem dat het mogelijk maakt dat je je eigen nummer programmeert op een ander toestel in een ruimte waar je tijdelijk zult zijn. Alle oproepen komen dan op het andere toestel terecht. Iemand die niet hard kan maken een dergelijke voorziening per se nodig te hebben en het eigenlijk alleen maar wil hebben omdat het zo interessant is, zal voor die faciliteit niet in aanmerking komen.’
Net als deze keer – Wageningen UR voert als één van de eerste grote organisaties in Nederland geïntegreerde mobiele en vaste netwerktelefonie in – liep Wageningen blijkbaar ook in 1978 al iets voor de troepen uit. ‘De snelheid waarmee via de druktoetsen een nummer gekozen kan worden ligt hoger dan de snelheid waarmee de landelijke centrales de gewenste verbinding tot stand kunnen brengen. In de praktijk betekent dat, dat het even kan duren voor de oproeptoon voor een interlokaal gesprek kan klinken.’

Re:ageer