Wetenschap - 1 januari 1970

Toekomst pluimveesector

Toekomst pluimveesector

Toekomst pluimveesector


De pluimveesector stond er, voor de uitbraak van de klassieke vogelpest,
financieel al niet zo best voor. Hoewel nog niet duidelijk is hoe lang de
vogelpest gaat duren, is al wel duidelijk dat de sector hard getroffen
wordt. Is de vogelpest de genadeslag voor de pluimveesector?

Ir Peter van Horne, specialist pluimveehouderij van het Landbouw Economisch
Instituut:

,,Er is verschil tussen leghennenbedrijven en vleeskuikenbedrijven. De
eerste hadden de afgelopen jaren een inkomen van rond de 38.000 euro.
Vleeskuikenbedrijven moesten het gemiddeld met de helft doen en hadden
vorig jaar een negatief inkomen van 38.000 euro. Eenderde van de
vleesbedrijven kon vorig jaar zomer de vervangingsinvestering niet aan. Dat
wil zeggen dat ze machines niet kunnen vervangen. Er zat dus al weinig vet
bij de vleeskuikenbedrijven voor de vogelpest uitbrak. De eierbedrijven
hadden nog wat meer vet op de ribben.
In Nederland zijn zo’n 2500 gespecialiseerde pluimveebedrijven, die elk
zo’n 40.000 kippen hebben. In de hele sector, inclusief voerfabrieken,
slachterijen en verwerkers, werken zo’n 25.000 mensen. In de tien-kilometer-
zone rondom het getroffen gebied zitten ruim vijf miljoen leghennen op een
totaal van dertig miljoen in Nederland. In het gebied zitten ook twee
miljoen vleeskuikens, vijf procent van het totaal in Nederland. Er zitten
relatief veel eenden, 33 bedrijven, de helft van het totaal in Nederland.
Bedrijven in het gebied die geruimd moeten worden kunnen een compensatie
krijgen van Brussel. Ze krijgen dan de waarde van geruimde dieren terug.
Daarnaast hebben bedrijven vervolgschade, die ze niet vergoed krijgen: de
stallen staan leeg, of de eieren die wel nog geproduceerd worden in het
getroffen gebied mogen niet afgevoerd worden.
Belangrijker nog is de economische schade van maatregelen die voor heel
Nederland ingesteld zijn. Levend materiaal en broedeieren mogen niet
vervoerd worden. Dat betekent dat de hele vleeskuikenketen op den duur stil
komt te liggen. Vleeskuikens worden in zes weken gemest. De uitbraak is al
twee weken oud en pas drie weken na de laatste besmetting mag er weer
vervoerd worden. Kippen groeien dus uit hun kooi. Ik schat dat, als dit nog
enkele maanden duurt, een derde van de Nederlandse vleeskuikenbedrijven
daarom economisch in de knel komen, omdat ze al weinig financiële reserve
hadden.
Daarnaast verliest Nederland nu exportmarkten. Er mogen geen
pluimveeproducten de grens over. Nederland stond al zwak ten opzichte van
concurrenten in Brazilië en Thailand, die goedkoper produceren. De
wereldhandelsorganisatie breekt tarieven af waardoor Nederland het
moeilijker krijgt. Het is de vraag of na de vogelpest verloren verre
exportmarkten überhaupt nog teruggewonnen kunnen worden.
De minister-president heeft gezegd dat deze crisis geen boer de kop mag
kosten. Dan moet er wel nog wat gebeuren. Ik zou pleiten voor een nieuwe
opkoopregeling die een warme sanering mogelijk maakt. Boeren verkopen dan
hun mestrechten en het bedrijf wordt opgeheven. Je moet boeren de kans
geven om eruit te stappen. Daarna kan de sector dan verder. Kleiner, zonder
mestprobleem en met kwaliteitsproducten gericht op de lokale versmarkt.’’ |
J.T.

Re:ageer