Wetenschap - 19 november 2009

Termieten varen wel bij eenzijdige landbouw

Schimmelkwekende termieten uit Afrika zijn eenkennig. Ze kweken maar één soort schimmel in hun tuinen. Wageningse onderzoekers schrijven deze week in Science hoe dat komt.

Termieten zijn de superboeren van het dierenrijk. Termietenheuvels herbergen uitgestrekte tuinen waar schimmels worden gekweekt. Binnen een kolonie is dat steeds dezelfde schimmel. Termieten doen dus aan monocultuur. De vraag is waar die eenkennigheid op is gebaseerd. Op die vraag heeft de Wageningse evolutiebioloog Duur Aanen (Genetica) samen met zijn Deense collega Koos Boomsma een antwoord gevonden.
Sporen
Een koninklijk termietenpaar start een nieuwe kolonie zonder schimmel. Die schimmel moet van buiten komen. Werksters halen schimmels in huis doordat ze tijdens het foerageren sporen mee naar binnen slepen. Dat zijn sporen van verschillende genotypen. Toch blijft steeds maar een genotype over in de kolonie. Aanen en Boomsma laten zien dat de toevallig meest voorkomende soort het wint van de zeldzamere schimmels.
Zelfde buren
Evolutionaire theorie voorpelt dat een symbiose met meerdere schimmels instabiel is. De schimmels gaan elkaar beconcurreren om zoveel mogelijk paddenstoelen te maken in plaats van samen te werken met de termiet. De nieuwe studie laat zien dat er een speciaal mechanisme is dat dit verhindert. De crux is dat genetisch identieke mycelia fuseren als ze naast elkaar groeien.
Levenslange relatie
Die kans op fusie met een gelijke is groter bij de meest voorkomende schimmel. Een kwestie van aantallen dus. De fusie vergroot de efficiëntie waarmee sporen worden gevormd. En die sporen zijn niet alleen voedsel voor de termieten, ze beënten er hun tuinen ook mee. Volgens de onderzoekers leidt deze selectie ertoe dat uiteindelijk een levenslange relatie ontstaat tussen een kolonie en één enkele schimmelstam.
 
 
 

Re:ageer