Student - 16 april 2020

Taalbarrière ondermijnt WUR-carrière

tekst:
Femke Janssen

WUR hecht veel waarde aan samenwerken. Groepswerk maakt dan ook onderdeel uit van alle opleidingen. En dat kan behoorlijk lastig zijn als je moet samenwerken met studenten die het Engels niet goed beheersen. Resource sprak vier studenten die een taalbarrière ervaren. ‘Ik heb met handen en voeten uitgelegd wat we moesten doen.’ WUR neemt intussen de taaleisen onder de loep.

Tekst Femke Janssen Illustratie Yvonne Kroese

Internationale studenten moeten een minimaal Engels-niveau hebben om te worden toegelaten als student aan de Wageningen Universiteit. Verschillende testen worden geaccepteerd als bewijs van dit niveau, bijvoorbeeld de TOEFL, IELTS of Cambridge examens. Al deze examens bevatten de onderdelen schrijf-, luister- en spreekvaardigheid. Per onderdeel zijn er minimum scores en het verschilt per bachelor of master welke scores voldoende zijn om te worden toegelaten tot de opleiding. Er zijn echter manieren om te slagen voor zo’n test zonder het Engels echt onder de knie te hebben, waardoor er in Wageningen studenten rondlopen die het Engels niet of nauwelijks beheersen. Dat vertelt John Doe, masterstudent. ‘Onderzoek doen gaat dan wel, maar schrijven en samenwerken is een probleem.’ Gevolg: studenten zetten complete colleges in Google Translate om er iets van te snappen. Het probleem is zelfs zo groot dat er volgens Doe studenten zijn die hun masterthesis laten schrijven door een ander omdat hun Engels-niveau niet toereikend is.

Slimmigheidjes

Hoe kan een student die het Engels niet goed onder de knie heeft er toch in slagen de taaltoetsen te halen en in te stromen? In het land waar John Doe (een alias) vandaan komt, zijn er bijvoorbeeld  speciale scholen die je voorbereiden op de taaltoets. ‘Daar leer je niet echt Engels, maar hoe je die toets zo snel mogelijk haalt: bij meerkeuzevragen is het antwoord vaak het langste of het kortste antwoord. En voor het spreekgedeelte is er een appgroep. Zodra de eerste studenten klaar zijn, delen ze in de app-groep waar het over ging. Voor het schrijfgedeelte moet je een stukje schrijven over een specifiek onderwerp. Deze onderwerpen rouleren wel, maar het aantal onderwerpen is beperkt. Onze leraar raadde ons aan om stukjes over de zeven meest voorkomende onderwerpen uit je hoofd te leren. Zak je voor de toets, dan maak je hem opnieuw. De meeste studenten maken de IELTS-toets net zo vaak tot het lukt, maar dat betekent niet dat ze per se goed Engels kunnen. Voor het schrijven van een motivatiebrief en een CV schakelen ze vervolgens een bureau in, deels omdat ze het zelf niet kunnen, deels omdat ouders het belangrijk vinden dat hun kinderen worden toegelaten. Vervolgens laat een deel van deze studenten hun scriptie door iemand anders schrijven.’

Cultuurverschillen

Dat studenten hun thesis laten schrijven door een ander, lijkt onderwijsdecaan Arnold Bregt heel onwaarschijnlijk. ‘Tijdens het schrijven van een master-thesis is er hele intensieve begeleiding, ik kan mij niet voorstellen dat studenten hun thesis door een ander kunnen laten schrijven zonder dat de begeleider dit door heeft.’

Sommige studenten plakken complete colleges in Google Translate

Arnold Bregt is onderwijsdecaan en betrokken bij het toelatingsbeleid rondom Engels. Hij geeft toe dat het mogelijk is dat sommige studenten een manier vinden om toegelaten te worden zonder daadwerkelijk aan de eisen te voldoen. De verhalen van Doe vindt hij lastig te beoordelen. ‘Wanneer kan je iets echt fraude noemen en wanneer is het op een slimme manier studeren? Vaak zijn er meerdere factoren waardoor communicatie lastig is en spelen ook cultuurverschillen een rol.’ Volgens Bregt is het een uitzondering dat een student echt geen Engels beheerst. ‘In de 18 jaar dat ik les heb gegeven, heb ik maar een paar studenten gehad die echt geen Engels spraken. Die heb ik vervolgens aangeraden om een maand of twee te stoppen en zich onder te dompelen in de Engelse taal. Dat hebben ze gedaan en inmiddels zijn ze geslaagd.’

22_taalbarriere 4.jpg

Evaluatie

Bernadette Dijkstra is als beleidsmedewerker Kwaliteitszorg Onderwijs betrokken bij vak-evaluaties. Zij herkent dat het verschil in Engels-niveau tussen studenten een issue is. ‘Vorig jaar is bij een aantal opleidingsvisitaties het Engels-niveau door studenten genoemd als een van de verschillen tussen de studenten die instromen in een master. Maar op basis van de vak-evaluaties is niet te zeggen hoe vaak die verschillen problematisch zijn.’ In de huidige vak-evaluaties wordt namelijk niet specifiek gevraagd naar de ervaringen met communicatie binnen het groepswerk, maar gaat het om een beoordeling van hoe het onderwijs, het vak, wordt gegeven. Dijkstra: ‘Het gaat dan om aspecten als de gebruikte methode, de materialen en de toetsing. Aspecten waarop de docent een volgende keer invloed kan uitoefenen.’
Er is geen procedure voor vakdocenten over hoe om te gaan met studenten die gebrekkig Engels spreken en schrijven. Sommige docenten herkennen het probleem wel, maar willen er niet met Resource over praten. Blijkbaar ligt het onderwerp gevoelig. Volgens Bregt is het belangrijk om er wél open over te praten omdat kritiek ruimte schept voor verbetering. De decaan neemt de verhalen die de ronde doen serieus, ook al kunnen ze niet worden gestaafd met data. Samen met anderen is hij een rondgang aan het maken binnen WUR – onder meer bij de AID-introductiecommissie – op zoek naar ervaringen van studenten met deze kwestie.

Maatregelen

Hoewel er geen concrete aanwijzingen zijn dat het Engels-niveau van internationale studenten tot problemen leidt, zijn er al wel plannen om de huidige toelatingseisen te herzien. Volgens Bernadette Dijkstra bekijkt WUR waar de taaleisen wel voldoen en waar niet (en wat het probleem dan precies is). En welke eisen hanteren andere universiteiten? Dijkstra: ‘En we bekijken of we het niveau van de taaleis moeten aanpassen of eerder de manier waarop we aantonen of een student aan de eisen voldoet. En wat zijn dan consequenties voor de toegankelijkheid van het onderwijs, de kosten voor aspirant-studenten, et cetera? Er komt veel bij kijken’, aldus Dijkstra.

22_taalbarriere 1.jpg

De eerste maatregelen om het Engels-niveau van studenten te verbeteren, zijn intussen genomen. Zo is er een ‘skillset’ voor bacheloropleidingen samengesteld waarin academic English als aparte vaardigheid genoemd wordt. Het is de bedoeling dat studenten hierin actief getraind worden tijdens hun bachelor. ‘We zijn nog aan het nadenken over de manier waarop we dit gaan implementeren’, vertelt decaan Arnold Bregt. En ook over masterstudenten en andere studenten die instromen met een te laag Engels-niveau wordt nagedacht: ‘We kijken kritischer naar aanmeldingen en bij twijfel vragen we een Skypegesprek aan. Dan is meestal snel duidelijk of iemand het minimale niveau beheerst.’

Studenten die slecht Engels spreken, lijden er zelf ook ontzettend onder

Engelse lessen aanbieden in de zomermaanden, zoals studenten hebben geopperd, ziet Bregt ook wel zitten: ‘Studenten die slecht Engels spreken, lijden er zelf ook ontzettend onder. We zouden deze lessen dan voor iedereen open moeten stellen, want er zijn ook Nederlandse studenten en docenten die moeite hebben met Engels.’ Wageningen in’to Languages is een partij die daarbij kan ondersteunen. Irene Houkes-Jansen, hoofd van In’to Languages: ‘Wij kunnen helpen om een cursus te organiseren om het proactieve Engels en de interculturele vaardigheden van studenten te bevorderen.’

Bregt vindt het verder de verantwoordelijkheid van de studenten om problemen te bespreken met de docent of begeleider. ‘Ik geloof dat het belangrijk is dat studenten en docenten praten over dingen waar ze tegen aan lopen. Alleen dan kan er iets gedaan worden. Het is altijd mogelijk om met vakcoördinatoren of zelfs met de rector te praten, als dat nodig is. Open communicatie is de eerste stap naar verbetering.’


‘Met handen en voeten uitleggen’
Tim van Nes (22), masterstudent Environmental Sciences
‘Tijdens een werkcollege moesten we een groepsopdracht maken en ik kwam terecht in een groepje met alleen internationale studenten. Ik ben een native speaker Engels, dus keken ze allemaal vragend naar mij. Uiteindelijk ben ik het hele werkcollege bezig geweest om met handen en voeten uit te leggen wat we moesten doen. We zijn er niet eens aan toe gekomen om echt aan de opdracht te werken.

Ik ben niet de enige die zoiets is overkomen; ik hoor van meer mensen dat ze last hebben van medestudenten die amper Engels spreken. Van sommige studenten uit andere Europese landen heb ik gehoord dat spreekvaardigheid geen onderdeel was van hun Engelse toets. Dat staat ze vervolgens in de weg als ze naar Wageningen komen waar groepswerk zo belangrijk is.

Misschien zou WUR een maand lang Engelse les aan moeten bieden in augustus, voordat de colleges beginnen. Zo kunnen studenten vast wennen aan het academische niveau van Engels dat er van ze wordt verwacht.’

 

‘College via Google Translate’
Zoë van der Heijden (22), masterstudent Nutrition and Health
‘Begin dit collegejaar had ik een begeleider bij een vak die zich redelijk verstaanbaar kon maken in het Engels, maar grammaticaal klopte er vrij weinig van. De periode daarna had ik een groepsgenoot die moeite had met Engels. Dat zei hij zelf ook. Het is voor hem niet leuk, maar voor de rest van de groep ook niet, want die moet veel werk overnemen.

Bij colleges zijn er studenten die complete PowerPoint-slides kopiëren en in Google Translate plakken. Dat laat wel zien dat sommige studenten echt worstelen met het Engels niveau. Het is belangrijk dat WUR hiernaar gaat kijken. Misschien kunnen de toelatingseisen omhoog of kunnen studenten bijles krijgen als ze moeite blijken te hebben met het niveau.

 

‘Extra werk voor de rest’
Naomi van den Berg (24), masterstudent Forest and Nature Conservation
‘Ik heb meerdere keren meegemaakt dat iemand uit mijn groepje vanaf het begin af aan niet echt kon bijdragen aan ons project vanwege de taalbarrière. Vaak is dit vrij gauw duidelijk, maar het blijft lastig om hier openlijk over te praten. Als groep probeerden we dan te zorgen dat iedereen mee kon komen, door meerdere keren te checken of iedereen alles begreep. Je probeert samen knopen door te hakken en taken te verdelen. Uiteindelijk ga je nóg een keer na of iedereen weet wat er van hem of haar wordt verwacht.

Helaas is het meerdere keren voorgekomen dat iemand toch niet deed wat van tevoren was afgesproken. Dan moet de rest van de groep het werk van die persoon op het laatste moment overnemen. Dat is vervelend voor de persoon die het niet kan bijbenen maar ook voor de rest van de groep, die op het laatste moment extra werk moet doen. Maar als het puntje bij het paaltje komt, wordt groepswerk als een geheel beoordeeld: iedereen krijgt hetzelfde cijfer.’

 

‘Ik zat er stilletjes bij’
John Doe (26), masterstudent

‘Toen ik aan mijn studie in Wageningen begon, had ik het erg zwaar met het Engels-niveau. De colleges kon ik nog deels volgen, maar het groepswerk was moeilijk. Omdat ik mijn ideeën niet goed kon delen in het Engels, zat ik er maar stilletjes bij. Ik schaamde mij. Een-op-een ging praten beter, dus probeerde ik dat, soms met behulp van Google Translate. Ik moet goed nadenken over elke zin die ik zeg.

Als groepsgenoten moet je elkaar beoordelen. Ik kreeg lage cijfers. Dat vond ik verschrikkelijk. Als feedback kreeg ik te horen dat ik meer en harder moest praten. De rest praat heel snel, dus ik kon ze niet goed volgen. Maar ik wilde wél mijn steentje bijdragen. We spraken af dat als ik mijn hand op zou steken, ze rustig naar me zouden luisteren. Maar uiteindelijk werden de besluiten door de rest genomen en kreeg ik het daarna pas te horen. Ik ben een sociaal persoon en vind groepswerk leuk. Als mijn Engels beter was, zou ik een veel actievere rol op me nemen. Nu lukte dat gewoon niet.’

*John Doe is een alias