Wetenschap - 19 juni 2008

Synthetisch sekshormoon prikkelt aardappelverwoester

Het is Groningse en Wageningse wetenschappers gelukt om een synthetisch sekshormoon te maken voor Phytophthora infestans, de veroorzaker van de gevreesde aardappelziekte. ‘We zoeken al jaren naar manieren om de voortplantingscyclus van phytophthora te verstoren’, zegt coauteur prof. Francine Govers. ‘Dat onderzoek wordt nu een stuk eenvoudiger’.

Voor 1980 was de genetische variatie binnen de phytophtorapopulatie in Europa nul. ‘Waar je ook keek, je zag overal isolaten met hetzelfde DNA-profiel’, zegt Govers, verbonden aan van de leerstoelgroep Fytopathologie. ‘Dat was ook logisch. Alle isolaten waren klonen van een stam die in 1843 vanuit Midden- of Zuid-Amerika Europa binnenkwam.’
Voor seksuele voortplanting van Phytophthora infestans zijn twee paringstypes nodig. In Europa was langer dan een eeuw slechts één paringstype aanwezig. Pas in de jaren zeventig kwam met een scheepslading aardappels vanuit Mexico het andere paringstype binnen. ‘Dat maakte de bestrijding van deze ziekteverwekker stukken moeilijker’, zegt Govers. ‘Hij vormt na seks sterke, geslachtelijke sporen die winterhard zijn en jarenlang in de grond kunnen overleven. Met seks neemt ook de genetische diversiteit in de populatie toe, waardoor phytophthora sinds de jaren tachtig bijvoorbeeld snel resistent is geworden tegen bestrijdingsmiddelen. In de Flevopolder alleen al vonden we midden jaren negentig zo’n tweehonderd verschillende phytophtora-isolaten die op basis van hun DNA verschilden.’
Daarom onderzoeken wetenschappers de seksuele voortplanting van de ziekteverwekker. ‘Voor dat onderzoek is het van belang dat je een organisme door een synthetisch hormoon kunt dwingen tot seksuele voortplanting. In 2005 vonden Japanse onderzoekers dat sekshormoon, maar ze hadden achttienhonderd liter phytophthora-extract nodig om iets meer dan een milligram hormoon te winnen. De Groningers konden dat hormoon echter namaken, en wij hebben laten zien dat het synthetische sekshormoon nog werkt ook.’
Die gezamenlijke prestatie was goed voor een publicatie in het prestigieuze PNAS. ‘Mijn tweede PNAS-publicatie van dit jaar’, zegt Govers tevreden.

Re:ageer