Organisatie - 8 juni 2016

Studietempo Wageningen hoger dan landelijk gemiddelde

tekst:
Gastredacteur,Hoger Onderwijs Persbureau
1

Het slagingspercentage voor bachelorstudenten ligt in Wageningen ver boven het landelijk gemiddelde. Landelijk behaalde 69 procent van de studenten binnen vier jaar een bachelordiploma, in Wageningen ligt dat percentage op 79 procent.

Universiteitsvereniging VSNU publiceerde gisteren de redementcijfers voor de universiteiten. Het percentage van 69 procent is veel meer dan voorheen. Vijf jaar eerder lukte het slechts 56 procent van de studenten om na vier jaar het bachelordiploma te halen. Wageningen presteert bovengemiddeld goed. Maar liefst 79 procent van de studenten heeft na vier jaar een bachelordiploma. Vijf jaar geleden was dat 54 procent.

Geen duidelijke oorzaak
De stijging heeft geen duidelijke oorzaak, zegt Eric de Munck, beleidsmedewerker bij Education & Research. 'Effectievere maatregelen, kleinere opzet van onderwijs en meer gemotiveerde studenten kunnen ervoor gezorgd hebben dat het slagingspercentage flink is gestegen', aldus De Munck, maar de universiteit doet er geen kwantitatief onderzoek naar, benadrukt hij.

De VSNU zegt dat de stijging te verklaren is door een strenger beleid. Zo kunnen studenten die nog geen bachelor-diploma hebben sinds 2012 niet meer aan een master beginnen. Ook moeten studenten zich eerder inschrijven en zijn uitgebreide studiekeuzeactiviteiten, zoals matching.

Studenten denken anders over hun studie
Rector magnificus Arthur Mol

Studieklimaat
Rector magnificus Arthur Mol zei in een eerder interview tegen Resource dat het veranderde studieklimaat als voornaamste oorzaak kan worden gezien van het stijgende rendement in Wageningen. Matching heeft geen invloed gehad en ook het bindend studieadvies werd hier relatief laat ingevoerd, zegt hij. ‘Je krijgt geen studiefinanciering meer en studenten denken dan ook anders over hun studie. Zij werken niet alleen harder en efficiënter, ze willen ook iets extra’s doen, zoals een honoursprogramma.’

De universiteiten hebben ieder afzonderlijk prestatieafspraken gemaakt met het ministerie van Onderwijs over onder meer het studietempo en de uitval van studenten in het eerste jaar. In het najaar moet blijken wie er aan de doelstellingen hebben voldaan.

Re:acties 1

  • Mp

    Het aantal mogelijkheden om te herkansen en de coulance van veel docenten kan een reden zijn. De kleinschaligheid biedt de gelegenheid voor maatwerk. Verder kiezen wageningse studenten bewuster dan gemiddeld, al is dat slechts een gevoel.

    Reageer

Re:ageer