Student - 13 oktober 2015

Studentenduo zit opleidingscommissie voor

tekst:
Linda van der Nat
1

Het is een unicum in de Wageningse universiteitsgeschiedenis: twee studenten als voorzitter van een opleidingscommissie. Masterstudenten Wim Bosschaart en Bart Steman werden op 12 oktober unaniem verkozen als duovoorzitters van de opleidingscommissie van Landschapsarchitectuur en Ruimtelijke Planning.

Een beetje verbaasd reageerden de twee wel, toen ze in februari door opleidingsdirecteur en toenmalig voorzitter van de opleidingscommissie Jan Philipsen gepolst werden voor het voorzitterschap. Bart en Wim waren op dat moment al langere tijd lid van de opleidingscommissie en hadden zich duidelijk laten horen bij de discussies over de onderwijswijziging bij de bachelor en de master van Landschapsarchitectuur en Ruimtelijke Planning. Wim: ‘Het voelde als een beloning voor onze betrokkenheid, maar het was nogal wat om zoveel verantwoordelijkheid bij een student neer te leggen.’ Bart: ‘Ik werd er een beetje door overvallen, maar tegelijkertijd dacht ik ook, dit is een kans die we moeten pakken. Wanneer krijg je de mogelijkheid om zo duidelijk invloed uit te oefenen op je eigen onderwijs?’ Voor de studenten Ruimtelijke planning is het een ideale proeftuin, aldus Wim. ‘Later in ons werk krijgen we ook te maken met leidinggeven, het afwegen van belangen van verschillende actoren. De competenties die je hier leert, leer je niet snel ergens anders.’

De jongens wilden het wel per se samen doen. ‘In je eentje is de verantwoordelijkheid gewoon te groot’, aldus Wim. Bovendien kennen de studenten elkaar goed. Ze hebben samen in het bestuur van studievereniging Genius Loci gezeten, regelmatig samen aan opdrachten gewerkt en ze wielrennen samen. ‘We kennen elkaars sterke en zwakke punten,’ zegt Bart. Dat vertrouwen is cruciaal om samen deze stap te nemen, denken ze. ‘Het leereffect is het grootst als je op elkaar kunt terugvallen en samen kunt reflecteren.’

We zitten straks als twee jongens van 21 tussen ervaren, universitair docenten. Dan mag je best een foutje maken
Wim Bosschaart

Als voorzitter leiden de twee onder andere de vergaderingen en houden ze de actielijst bij. Ook bepalen ze in grote mate wat er op de vergaderingen besproken wordt. Dat zien ze als een kans om de betrokkenheid van studenten bij de opleiding te vergroten. Wim: ‘Voorheen konden we onderwerpen in de vergaderingen inbrengen, nu kunnen we de kaders van wat er besproken wordt zelf zetten. Studenten kunnen ons aanschieten in de middagpauze met een klacht of een suggestie en dan staat het bij wijze van spreken de volgende dag op de agenda van de opleidingscommissie. Het gat tussen wat er onder studenten speelt en wat er op tafel komt in de opleidingscommissie is zo veel kleiner. Het zou leuk zijn als dat leidt tot een open, actievere cultuur.’ Bart: ‘Studenten klagen makkelijk over het onderwijs, maar ondernemen geen actie. Misschien komt dat omdat ze de juiste kanalen niet kennen of omdat ze niet geloven dat er werkelijk inspraak is. Ons voorzitterschap geeft een duidelijk signaal af dat je als student wel degelijk invloed hebt.’

De opleidingscommissie bestaat uit vier docenten en vier studenten. Dat de kersverse voorzitters tijdens college naar hun docent moeten luisteren en dat de rollen tijdens vergaderingen zijn omgedraaid, vinden ze niet lastig. Wim: ‘We hebben inmiddels behoorlijk wat krediet opgebouwd en de docenten vinden het vooral een leuk experiment. Ze hebben ons dus het mandaat gegeven om in te grijpen tijdens een vergadering. Desalniettemin zullen we ons wel moeten bewijzen als goede voorzitters.’ Bart: ‘Er is veel wederzijds respect, maar het zal in het begin wel even zoeken zijn naar de juiste houding. Misschien dat we in het begin nog wel de mist ingaan.’ Wim vult aan: ‘We zitten straks als twee jongens van 21 tussen ervaren, universitair docenten. Dan mag je best een foutje maken.’

Lees meer:

Re:acties 1

  • OpCielid

    Leuk artikel en absoluut goed om een keer aan te kaarten. Het is echter geen unicum voor studentvoorzitterschap (tenzij het duale karakter bedoeld wordt) Enkele jaren geleden nog was er een masterstudente die zelf ook een tijd lang het voorzitterschap op zich heeft genomen bij een andere Opleidingscommissie. Een goed voorbeeld is het echter weer wel. Succes heren!

    Reageer

Re:ageer