Organisatie - 27 september 2007

Studenten leren naar stedelijk landschap kijken

‘Gebruik je oren en je neus. Neem alles in je op. De manier waarop je loopt, zelfs de snelheid, maakt dat je anders kijkt.’ Tijdens een lezing probeert kunstenaar Marjolein Boterenbrood studenten van de minor Stedelijke beplanting aan Van Hall Larenstein in Velp, duidelijk te maken hoe zij een plek leert kennen. De lezing was de eerste uit een reeks waarmee wordt geprobeerd de studenten over de grenzen van hun vakgebied heen te laten kijken.
‘Door te kijken, te luisteren, te voelen en verhalen op te zoeken van bewoners, probeer ik alle mogelijke ervaringen op te doen’, vertelt Boterenbrood de ongeveer zestig studenten bij haar lezing. ‘Het doel van mijn werk is het vertalen daarvan en dat als kunst doorgeven aan mensen die op die plek belanden.’ Boterenbrood brengt letterlijk gebieden in kaart, die variëren van een binnentuin tot een compleet stadsdeel. ‘Tot nu toe waren het vooral gebieden die transformeren, waar ik een toekomstvisie op geef. Dat is een voorwaarde om te kunnen ontwerpen.’
Haar gebiedskaarten hebben veelzijdige en onverwachte invalshoeken. Ze geven beestjes onder de grond weer, flora en fauna, structuur, bodemschatten, verhalen van bewoners, geschiedenis of bedrijvigheid. Maar ook geuren van vroeger of het uitzicht als je op je rug ligt. Of gegevens van de barometer, omgevormd tot kleur. Haar grotere kunstprojecten zijn multidisciplinair van opzet. Ze werkt samen met landschapsarchitecten, beeldend kunstenaars, fotografen, klankkunstenaars, choreografen en ornithologen. Ook zij hebben elk een unieke benadering van een gebied. ‘Landschapsontwerpers zouden dezelfde pogingen kunnen doen. Je kunt belangrijke ontwikkelingen in een gebied visueel maken. Iedere ontwerper moet onderzoek doen, zowel in zintuiglijke als wetenschappelijke zin.’
De lezing werd gehouden in het kader van de serie Een eigen wijze kijk op het landschap, die aansluit bij de minor Stedelijke beplanting. Er komen verder nog een ecoloog, een specialist in de combinatie natuur, landbouw en stad, en een stedenbouwkundige aan bod. Zo wordt geprobeerd studenten over de grenzen van hun vakgebied heen te laten kijken, aldus de docenten Jack Martin en Ad Koolen.
In de minor werken voor het eerst studenten Tuin- en landschapsinrichting en Bos- en natuurbeheer samen. Ze gaan twee onderzoeken doen, in Haaglanden en Ermelo, in het kader van Plurel, een groot Europees project over peri-urbaan landgebruik waarin zes verstedelijkte gebieden onder de loep worden genomen. Op de Dag van Europa, 9 mei, zal de minor uitmonden in een debat en een tentoonstelling in Galerie Stroom in Den Haag.

Re:ageer