Organisatie - 31 mei 2007

Stoppen met preventief toedienen antibiotica?

Nederlandse boeren gebruikten in 2005 508 duizend kilogram antibiotica om te voorkomen dat hun dieren ziek werden en om zieke dieren te behandelen. Dat was twaalf procent meer dan het jaar ervoor. Maar terwijl hun koeien, varkens en kippen gezond blijven, neemt de kans dat mensen ziek worden toe, meldt het instituut voor dierziektecontrole CIDC-Lelystad. Want de bacteriën die mensen ziek maken worden steeds resistenter.

191_opinie_0.jpg
Jan de Wilt, projectleider Weerbaar vee bij InnovatieNetwerk
‘Ik denk dat het grootschalige gebruik van antibiotica één van de grootste problemen is in de veehouderij, naast het mestprobleem. Veehouders gebruiken antibiotica om hun dieren genoeg te laten produceren. Maar daardoor kunnen dieren hun eigen weerstand niet meer goed mobiliseren. Zo blijven ze afhankelijk van antibiotica. Het is een vicieuze cirkel.
Een effect is dat bacteriën resistent worden.
De hele discussie rond MRSA verbaast mij. Het wordt vreselijk onderschat, ook door de sector zelf. Het is toch niet niks dat je als varkenshouder omzichtig behandeld wordt in ziekenhuizen omdat er kans op besmetting is. Voor de sector lijkt me dit erg onbehaaglijk. Het is echter wel een gevolg van overmatig antibioticagebruik.
Antibiotica in veevoer is teruggedrongen, maar het wordt nog veel gebruikt als therapeutisch middel. Ik zie op bedrijven soms dat als een varken wat lamlendig is, het een spuit krijgt. Daar gaat het zo ongeveer samen met voeren. In de ene hand een emmer, in de ander een spuit. Het grijpen naar de spuit is een automatisme geworden, terwijl het ook anders kan.
We onderzoeken ook met welke maatregelen voor de rundveehouderij we natuurlijke weerstand op kunnen bouwen en zo het gebruik van antibiotica kunnen verminderen. Met hygiëne kom je al een eind. En als beesten eens een dagje ziek zijn, is dat goed. Daarmee bouwen ze weerstand op. Misschien daalt de productie iets, maar dat moet de boer dan maar voor lief nemen. Op de lange termijn wint hij er veel mee, omdat er veel minder antibiotica nodig is.’

Linda Puister, onderzoekt bij het LEI antibioticagebruik bij landbouwhuisdieren[img]
‘De algemene cijfers komen van het Fidin, de belangenvereniging van fabrikanten en importeurs van diergeneesmiddelen in Nederland. Zij houden heel nauwkeurig het gebruik van antibiotica bij. Maar het is een totaalcijfer voor de gehele veehouderij. Fidin kan niet zeggen hoeveel kilogram antibiotica dit per diersoort is.
Wij proberen hier meer inzicht in te krijgen door van 150 veehouderijbedrijven het gebruik van alle medicijnen te registreren en om te rekenen naar dagdoseringen. Op deze bedrijven zien wij ook dat het gebruik bij varkens en kippen stijgt. Alleen voor koeien nam het licht af. Die daling is alleen niet significant en dat kan komen doordat we te weinig bedrijven in onze berekening hebben meegenomen.
Maar koeien zijn het minst interessant als het gaat om antibioticagebruik. De melktank wordt streng gecontroleerd op aanwezigheid van antibiotica. Boeren denken daar wel drie keer na voor ze hun koe behandelen. Dit geldt niet voor de andere diersoorten. Kippen- en varkenshouders zijn alleen gebonden aan de wachttijd voor vlees, die per middel verschilt. Dat kan enkele dagen zijn, maar ook enkele weken. Tot die wachttijd ingaat, gebruiken ze heel veel om te voorkomen dat hun dieren ziek worden.
Waarom het gebruik toeneemt, weten we nog niet. Het is wel een voorbeeld van eigenbelang – van de veehouder - tegenover groepsbelang – van ons allemaal. Als je ziek bent geworden door besmetting met een resistente bacterie, dan heb je echt een probleem. En iedereen loopt dat risico. Maar zolang het goedkoper blijft om antibiotica te gebruiken en er geen redenen zijn om dat niet te doen, zie ik niet zo snel iets veranderen.’

Aize Kijlstra, onderzoeker van de Animal Sciences Group[img]
‘Het gebruik van antibiotica is niet in overeenstemming met het aantal zieke dieren. Er wordt dus op grote schaal preventief antibiotica aan dieren gegeven. Een verklaring hiervoor is dat antibiotica in diervoerder verboden is. Veehouders grijpen nu veel eerder naar antibiotica uit angst voor een ziek dier. Maar dat praat het overmatige gebruik zeker niet goed.
Een tweede punt is de schaalvergroting. Als een aantal dieren ziek is, kiezen dierenartsen al snel voor een koppelbehandeling waarbij alle dieren een kuur krijgen uit angst dat ze elkaar aansteken. Dat is een kwalijke zaak. Er zijn volop aanwijzingen dat de overmaat leidt tot een resistentie die voor zowel dieren als mensen slecht is.
Ik pleit er dan ook voor dat de reguliere dierhouderij, niet alleen de boeren maar vooral ook de dierenartsen, kijkt naar de biologische sector. Daaruit blijkt dat we met veel minder antibiotica toekunnen. Want daar is preventief gebruik van antibiotica verboden. Alleen zieke dieren mogen beperkt behandeld worden met antibiotica. En we zien dat de gezondheid van de dieren in de biologische sector zeker niet slechter is. Preventief gebruik is dus helemaal niet nodig.’

Wouter Hendriks, hoogleraar Diervoeding[img]
‘Antibiotica werden vaak gebruikt om effecten van mindere huisvesting en voeding te compenseren. Maar dat is helemaal niet nodig. Met een optimale voeding en goede huisvesting kunnen dieren in optimale gezondheid gehouden worden. Dit wordt ook al gedaan onder praktijkomstandigheden bij de high health status bedrijven waar bepaalde pathogenen niet voorkomen.
Ook op conventionele bedrijven is het gebruik van antibiotica niet nodig. Pas als stressoren zoals slechte voeding of een afwijkende temperatuur in beeld komen, krijgen ziekteverwekkers een kans. Maar zolang de omstandigheden voor dieren goed zijn, is gebruik van antibiotica alleen nodig voor dieren die echt ziek zijn.
Bovendien zijn er verschillende alternatieven. Zoals de mens Yakult drinkt, zo kan voeding ook de weerstand van dieren verhogen, bijvoorbeeld met voedingsstoffen die goedaardige bacteriën voeden, de prebiotica. Of organische zuren die de zuurgraad in de maag snel naar beneden brengen waardoor pathogene bacteriën geen kans krijgen.
Antibiotica zijn een redmiddel. Als een dier echt ziek is, gaat het welzijn voor en is in mijn opinie gebruik van antibiotica toegestaan.’

Dik Mevius, bij CIDC-Lelystad betrokken bij onderzoek naar antibioticaresistentie[img]
‘Het probleem is de vrije handel. Antibiotica zijn overal verkrijgbaar. Daar zouden veel meer restricties op moeten komen, zodat er ook zicht komt op wie hoeveel gebruikt. Ik wil een transparant systeem waarin de dierenarts centraal staat. Hij is er voor opgeleid om de juiste antibioticumkeuze te maken en zou op zijn voorschrijfgedrag gecontroleerd moeten worden.
De boer zal zich altijd laten leiden door de economie. Door schaalvergroting in de intensieve veehouderij is er steeds minder tijd voor individuele zorg voor dieren. Dus zoeken de veehouders naar een goedkope oplossing, namelijk het behandelen van koppels. Deze economische keuze is belangrijker dan de eventuele resistentie die er ontstaat.
Bovendien was er lange tijd weinig bewijs voor de negatieve consequenties van overmatig antibioticagebruik. Nu pas dringt het door, met de komst van MRSA. Als we zo doorgaan is het onvermijdelijk dat er ook andere ziektes op gaan treden. Zolang de overheid niet meer controleert neemt het gebruik ook niet af.’

Re:ageer