Wetenschap - 1 januari 1970

Stijger

Stijger


,,Is dit geen overdreven reactie?’’, vroeg Boy Sibbellink aan Paul
Toxopeus. De student-acteur zat boven op hem, en zijn krachtige handen
knepen Boys keel dicht.
,,Vind ik niet’’, zei Toxopeus. ,,Het lucht enorm op. Ik ben die vervelende
scholieren meer dan zat.’’
Toen Boy met zijn klas in de bus op de A15 reed, vermoedde hij al dat het
enerverende dag zou worden. ‘Arnheim’, stond er op de bordjes. En
Wageningen was, vertelden ze hem, een voorstadje van Arnheim. ,,We gaan
helemaal niet naar een scholierenconferentie’’, had hij gezegd. ,,Ze
deporteren ons naar Duitsland.’’
Was het de baldadige stemming van een gedwongen dagje uit? Of de wodka die
hij had meegepikt uit een workshop? In ieder geval, toen hij aan het einde
van dag een merkwaardige man had zien rondlopen met een pruik, een bruin
pak en een belachelijk grote bril, had hij in een reflex gehandeld. En nu
lag hij hier, met een alsmaar roder wordend hoofd, naast zijn zippo en een
verschroeide pruik.
,,Vergeet je niet dat jullie ons hard nodig hebben?’’, piepte Boy. ,,Jullie
hebben al zo weinig studenten. Als je dan ook nog VWO-ers gaat wurgen
blijft er weinig over.’’
,,Wageningen doet het de laatste maanden erg goed in de peilingen’’, zei
Toxopeus tevreden. ,,We zijn de snelste groeier van Nederland.’’
Dit was een goed moment om de politie te bellen, vond Boy, en klikte zijn
Nokia open. Geen verbinding. Als je vlak bij Arnheim bent, kun je dat
verwachten.
Willem Koert

Re:ageer