Wetenschap - 3 oktober 2002

Stage: Surinaamse mijnbouw

Stage: Surinaamse mijnbouw

Mark van Kruining, Student Milieuhygi?ne (doorstromer)

Corruptie kennen ze niet in Suriname. Wel vriendendiensten. Doordat het land zo weinig inwoners heeft, is er een klein aantal mensen die in veel vijvers vissen en elkaar bevoordelen. Het maakt de overheid weinig daadkrachtig. Je ziet dat goed in de lokaal georganiseerde mijnbouw. Braziliaanse goudzoekers huren in Paramaribo graafmachines en pompen en trekken de rivieren langs, het binnenland in. Ze graven stukken land af, pompen er water overheen en trekken met behulp van kwik goud uit het slib. Dat levert ontzettend veel schade op aan de natuur en het kwik is bovendien gevaarlijk voor de lokale bevolking. In het buurland Frans Guyana hebben ze een effectieve methode om deze goudzoekers te weren. Met helikopters plukken ze de graafmachines uit het oerwoud en ze zagen de boten van de Brazilianen doormidden. Dan valt er weinig goud meer te winnen. De methode wordt in Suriname niet gebruikt. Sterker zelfs, in de hoofdstad worden de graafmachines met een gerust hart verhuurt. Niemand is bang dat de machines eventueel niet terug zouden komen. Blijkbaar hebben de Brazilianen toch ergens een voet tussen de deur bij de overheid!

Mijn onderzoek richtte zich op het milieubeleid rond de grootschalige mijnbouw. Een heel ander verhaal. De overheid heeft geen beleid. Wat hen betreft kun je als multinational zoveel schade aanrichten als je zelf denkt dat nodig is. Een land voor cowboys, zoals het ook wel eens werd genoemd. Het is maar goed dat Biliton en Suralco, de twee grote mijnondernemingen, zelf strenge milieurichtlijnen hebben. Dat heeft te maken met image. Iedereen kent het verhaal van Shell en de Brent Spar. Dat willen die ondernemingen voorkomen. Daarom zijn ze ISO-gecertificeerd en zijn er onafhankelijke controles om dat keurmerk te waarborgen. Die controles kunnen niet door de overheid worden uitgevoerd, simpelweg omdat zij niet de kennis van zaken hebben.

De offici?le taal in Suriname is het Nederlands. Op straat wordt Sranantongo gesproken, een mengelmoes van verschillende talen. 'No span', is zo'n veelgebruikte Sranantongo uitdrukking. Relax, maak je niet druk. Het is ook een soort nonchalance. Lees je bijvoorbeeld een Surinaamse krant dan vallen de vele taalfouten op. Wat ik ook tegen kwam was dat je op maandag het journaal van vrijdag aan het bekijken bent. Hebben ze de verkeerde band er in gestopt.

Wat me opviel was dat Surinamers erg betrokken zijn op wat in Nederland gebeurd. Doordat ongeveer de helft van de Surinamers in Nederland woont, heeft iedereen wel familie of vrienden overzee. Die band is wel eenzijdig. Zo weten kinderen in Suriname zo maar alle vijf de Waddeneilanden te benoemen. Moet je eens aan Nederlandse jongeren vragen waar Suriname ligt. Vaak krijg je dan geen antwoord, laat staan dat ze de vijf belangrijkste rivieren in Suriname kunnen benoemen. | Arin van Zee

Re:ageer