Wetenschap - 10 oktober 2002

Stage: Rood Australië

Stage: Rood Australië

Iris Stulemeijer, net afgestudeerd Plantenveredeling en gewasbescherming

"Al heel lang speelde het door mijn hoofd dat ik naar Australi? wilde. Dat rode lege landschap met hier en daar een gebergte fascineerde me. Met de stage was dat uitstekend te combineren. Het is tenslotte een groot land met veel landbouw. Ik kon terecht bij een plantenveredelinginstituut voor graan in Narrabri. In het fytopathologisch lab deed ik experimenten of bepaalde enzymen, die belangrijk zijn voor de kwaliteit van het zetmeel, wel of niet in de zaden aanwezig waren. Verder keek ik met behulp van ELISA's naar de aan of afwezigheid van 1RS-locus dat invloed heeft op de opbrengst. Maar eerst werkte ik een maandje mee op het land met het binnenhalen van de oogst. Hartje zomer, 40 graden. Om zeven uur begonnen we en om drie uur waren we klaar. Dat was dus behoorlijk zweten en zwoegen. Wel heel erg leuk. Vooral omdat er toen nog veel jongeren waren door de vakantie. Daarna zitten die ver weg in de universiteitssteden.

Toen ik afreisde naar Australi?, had ik nog geen woonplek. Eerst logeerde ik een week bij mijn stagebegeleider, en toen kon ik terecht bij een lerares Engels. Er bestaan geen vriendelijkere mensen op de wereld dan Australi?rs. Ze nemen je helemaal op in hun gemeenschap. Het voelde voor mij echt als familie. Ook voor mij lagen er cadeautjes onder de nepkerstboom. Mijn kamer leek rond de kerst trouwens wel een hoerenkot. Ze hingen daar een kerstster met rode lamp voor mijn kamerraam. Daar heeft dit niet de associaties zoals wij die hebben. Alle kerstlichtjes zijn daar gekleurd en er wordt veel rood gebruikt. Ze hangen ook in de tuinen, het doet heel Amerikaans aan. Het stadje Narrabri was dit jaar sportstad van 't jaar. Maar ik heb daar niemand gevonden die aan sport deed. Of je moet pistoolschieten of een blokje om als sport zien. In de steden bij de kust is dat vast anders. Ze vonden het heel raar dat ik in de weekenden op pad ging. Dan ging ik stoer met mijn autootje erop uit. Ergens de tent opslaan. Heerlijk de natuur in. Op een morgen hing er dan ook een koalabeertje boven mijn tent. Heel wat voetstapjes van mij stonden daar in dat machtige landschap. De Australi?rs vonden dat vaak eng. Pas je wel op riepen ze me dan na. Er kan trouwens weinig gebeuren. Je komt eerder massa's kangoeroes tegen dan mensen. Je loopt er soms met je neus tegenop doordat je ze niet ziet. Vooral in de natuurparken blijven ze stokstijf staan. Mijn autootje heeft het trouwens niet overleefd. Het plan was om hem bij het naderende einde van mijn verblijf door te verkopen. Maar de motor brandde helaas door. De sloper kocht hem toen maar." | Esther Tol

Streamer: "Mijn kamer leek rond de kerst wel een hoerenkot"

Re:ageer