Wetenschap - 23 mei 2002

Stage: Gebrekkig Kameroen

Stage: Gebrekkig Kameroen

Richard Verweij, vierdejaars Tropisch Landgebruik

"Ik woonde in een zandstenen hutje, in het noorden van Kameroen. Vanwege deze primitieve situatie zou ik een directe radioverbinding met de stad krijgen, maar die radio bleek stuk te zijn. In het begin deed de waterpomp het nog. Dan maak je gebruik van grondwater. Toen de pomp stuk ging, ving ik regenwater op. Op een gegeven moment was het geen regentijd meer. Eerst ben ik de kleinere beekjes afgegaan voor water. Uiteindelijk dronk ik het water van de dichtstbijzijnde, grote rivier. Net als de andere mensen in het park. Het zag er redelijk helder uit. Dat wil zeggen, je kon er doorheen kijken.

Ja, ik ben een aartsoptimist. Ik vind dit soort dingen leuk. Voor mijn onderzoek zat ik midden in een nationaal park. Daar keek ik naar de effecten van middelgrote grazers op de vegetatie. In dit geval waren dat het nijlpaard en de Kobus kob antilope. Het was een zelfstandig onderzoek. Ik werkte dus niet voor een stichting of organisatie. Maar als ik veldwerk deed, ging er wel een gewapende gids mee.

Erg vaak ging ik niet weg uit het park. Het dichtstbijzijnde dorp was vijftig kilometer verderop. Daarbij zat ik er in het natte seizoen. De wegen worden dan onbegaanbaar, dus kun je er moeilijk opuit trekken. Zelfs als de wegen goed zijn, duurt het ook wel even voordat je echt ergens bent. Ik ging een keer om vier uur 's nachts met de taxi. Al snel viel de achterbumper eraf. Toen begon er opeens een auto-onderdeel te roken. Daarna kregen we een lekke band. Toen het licht begon te worden, kwamen er allerlei politiecontroles. Later zijn we nog over een hond heengereden. Denk je dat je alles gehad hebt, blijkt dat je bij het uitstappen helemaal onder het stof van de rode aarde zit.

In de stad kocht ik vaak een grote zak rijst. Ik heb maanden geleefd op een dieet van rijst met sardientjes uit blik. In de natte tijd verrotten de etenswaren erg snel. Het heeft dus geen zin om fruit in de stad te kopen en lang te bewaren. Ook kwamen overal mieren op af. Voor allerlei soorten voedsel was een mierensoort.

Ondanks het primitieve leven en het eenzijdige eten, heb ik geen heimwee gehad. In het park was niet veel afleiding, dus stortte ik mij op het werk. Gelukkig kon ik goed opschieten met de paar mensen die daar ook zaten. Ik stuur ze af en toe een brief. Nog bijna elke dag houdt mijn stage me bezig. In Kameroen had ik grasmonsters genomen. Die ben ik nu aan het analyseren. Of ik heel snel weer terugga naar Kameroen weet ik niet. Ik wil ook nog wel andere landen zien. In ieder geval wil ik zeker voor een bepaalde tijd in de tropen werken."

Monnique Haak

'Maanden geleefd op een dieet van rijst met sardientjes'

Re:ageer