Wetenschap - 2 november 2006

Spreeuw in nood

Als we er niet voor zorgen dat hij gemakkelijker kan nestelen en insecten kan vangen, zijn de vooruitzichten voor de spreeuw somber. Sinds de jaren tachtig is het aantal spreeuwen in ons land gehalveerd. Onderzoekers van Alterra en Biometris doen in Acta Biotheoretica suggesties om de bevuiler van autoruiten te behoeden voor de ondergang.
Een beetje vogelaar haalt zijn neus op voor de spreeuw. Die desinteresse speelt de Wageningse onderzoekers parten, nu ze met modellen proberen te verklaren waarom het aantal spreeuwen zo snel terugloopt. Voor die modellen zijn gegevens nodig over de voortplanting van spreeuwen in het wild. Die worden verzameld door vogelaars, maar omdat die meer belangstelling hebben voor woudaapjes, slechtvalken en pijlstaarten, zijn die gegevens er niet.
Desondanks zijn de Wageningers er in geslaagd een paar verklaringen voor de teruggang te ontzenuwen. Eén van die verklaringen was het groeiende aantal katten en roofvogels in Nederland. Het aantal katten neemt toe omdat de kat een steeds populairder huisdier is, het aantal roofvogels neemt toe doordat het gebruik van gewasbeschermers is verminderd. Maar dat heeft volgens de Wageningers weinig met te maken met de toestand van de spreeuw. Predatoren nemen vooral jonge, onervaren dieren te grazen, terwijl de dode spreeuwen die zij in hun database hebben vooral volwassen vogels zijn.
Ondanks het gebrek aan gegevens komen de onderzoekers alvast met twee aanbevelingen: er moeten meer nestkasten voor spreeuwen komen en spreeuwen zouden in het broedseizoen makkelijker insecten moeten kunnen vangen voor hun kroost.
Het ministerie van LNV zette de spreeuw onlangs op de Rode Lijst van bedreigde vogelsoorten.

Re:ageer