Organisatie - 18 juni 2020

‘Sommige studenten zijn erg eenzaam’

1

Het komt voor dat Idealis-beheerder Eugene van Meteren moet checken waarom een student al lang niets van zich laat horen. Soms komt hij te laat en soms, zoals nu, komt hij als geroepen.

Dagboek van een beheerder - Eugene van Meteren is beheerder bij Idealis. Hij schrijft voor Resource over zijn belevenissen.

Als student wordt van je verwacht dat je nachten doorhaalt met huisgenoten en actief bent in verschillende commissies en verenigingen. Voor veel studenten klopt dit misschien, maar er is ook een groep die niet lekker in zijn vel zit. Ook de coronamaatregelen kunnen invloed hebben op de gemoedstoestand van studenten, denk ik. Als je de deur niet meer uit kan, kun je je erg eenzaam gaan voelen.

Op een vrijdagmiddag word ik gebeld door een decaan van de universiteit. ‘Goedemiddag Eugene’, zegt ze, ‘ik wil jou iets vragen.’ De dame aan de andere kant van de lijn komt bezorgd over. ‘Wil jij bij een studente gaan kijken die op de Dijkgraaf woont? We hebben al een tijdje geen contact meer met haar gehad en we maken ons behoorlijk zorgen.’

Ik klop nogmaals aan, geen gehoor. Het koude zweet breekt me uit

Ik hang op en krijg een ongemakkelijk gevoel; het is namelijk in het verleden wel eens gebeurd dat een student die een tijdje buiten beeld was, zichzelf van het leven had beroofd. Als we een situatie zoals deze niet vertrouwen, zijn we verplicht om met twee personen naar een kamer te gaan om te kijken of er iets aan de hand is. Samen met mijn collega ga ik richting de Dijkgraaf. We zijn beide gespannen om wat komen gaat.

We staan voor de kamer, ik klop aan, geen gehoor, ik klop nogmaals aan, nog steeds geen gehoor. Het koude zweet breekt me uit. Ik kijk mijn collega aan en pak de sleutel om de kamer te openen. Maar op hetzelfde moment hoor ik gelukkig gerommel in de kamer. De deur gaat open, de kamer is donker en ik zie een klein Indonesisch meisje in haar pyjama. Ze ziet er grieperig uit. Slaperig vraagt ze wat we komen doen. Ik leg haar uit waarom we hier zijn en ze begrijpt onze bezorgdheid. Ze bedankt ons. ‘Fijn dat aan mij wordt gedacht, ik zal snel contact opnemen met mijn decaan om te vertellen hoe het met mij gaat.’ Mijn collega en ik zijn blij dat we even langs zijn gegaan en een praatje hebben gemaakt. We hebben haar de juiste aandacht kunnen geven, dat geeft een goed gevoel.

Re:acties 1

  • Jeroen

    Doe je goed Eugene

    Reageer

Re:ageer