Wetenschap - 15 februari 2007

Soevereiniteit van voedsel onderzocht

Het vermogen van mensen om zelf te kiezen hoe ze voedsel produceren en consumeren. Zo zou je ‘soevereiniteit van voedsel’ kunnen definiëren. Het begrip staat centraal in een nieuw onderzoeksprogramma van Inref.

Het programma begon deze week met een serie workshops. Twaalf promovendi gaan de komende jaren in drie teams aan de slag. In elk team zit een plantenveredelaar, een levensmiddelentechnoloog, een voedingskundige en een sociaal wetenschapper.
In India gaat zo’n team onderzoek doen naar de lokale productie en verwerking van de mungboon, in West Afrika gaat het om de cowpea en in Equador om lupine. Dat zijn allemaal peulvruchten die op verschillende manieren verbouwd en verwerkt worden. Het idee is dat lokale technologie die gebruikt wordt voor de productie en verwerking van de gewassen van belang is voor de lokale voedselsoevereiniteit. Die productie en verwerking vinden plaats in lokale netwerken die gebonden zijn aan de regio. Daarin verschilt de lokale productie van internationale productieketens, waarin de productie - in het zuiden - vaak losgekoppeld is van de consumptie - in het westen. De promovendi gaan onderzoeken hoe die lokale voedselnetwerken werken, en of ze kunnen bijdragen aan een betere voeding en soevereiniteit van voedsel.
Prof. Tiny van Boekel van de leerstoelgroep Productontwerpen en kwaliteitskunde leidt het programma dat de titel ‘Tailoring Food Sciences to Endogenous Patterns of Local Food Supply for Future Nutrition’ (Telfun) heeft meegekregen. Ook prof. Guido Ruivenkamp werkt mee aan het project. Hij is hoogleraar in Amsterdam, maar ook verbonden aan het nieuwe maatschappijwetenschappelijk instituut Critical Technology Construction in Wageningen. Andere deelnemers zijn de leerstoelgroepen Humane voeding, Microbiologie en Gewasveredeling.

Re:ageer