Wetenschap - 21 juni 2001

Sjirk Gerritsma, schoonmaker Facilitair Bedrijf

Sjirk Gerritsma, schoonmaker Facilitair Bedrijf

Is Sjirk Gerritsma nu een dichtende schoonmaker of een schoonmakende dichter?

"Met gymnasium alfa en veel filosofie en theologie in mijn rugzak, opgevoed door de paters Franciscanen, kwam ik in 1973 naar Wageningen, niet voor de wetenschap, maar voor de liefde. Die verging na zes jaar. Uiteindelijk vond ik er de kunst. Uit de liefde voor de kunst ontwikkelde ik mij als schrijver en dichter," concludeert Sjirk Gerritsma. Hij geeft nooit een direct antwoord op een directe vraag, ook niet op de vraag: "Wat ben je nou eigenlijk: een dichtende schoonmaker of een schoonmakende dichter?" Want alles heeft een diepere bedoeling en dat vraagt om inleiding en uitleg.

Eind maart verscheen zijn 'levenswerk' zoals hij het noemt. Een klein, mooi uitgegeven boekje, met tekeningen van Mark? Markov, dat de naam 'Vijfentwintig jaar po?zie' meekreeg.

Maar om te kunnen dichten, moet men blijven leven en daarvoor moest er brood op de plank komen. Filosofen en dichters moeten ook eten. Het werd schoonmaken bij Wageningen UR. Dat doet de uit Friesland afkomstige Gerritsma inmiddels al ruim twintig jaar.

In het schoonmaakwerk ontmoet hij voornamelijk vrouwen. "En ik ken de avonturen van heel wat huishoudens", zegt hij met een veelbetekenend lachje. "Ik ken sommigen van hen al twintig jaar. Die zijn inmiddels oma geworden. Hun kinderen komen soms in de problemen. Daar praten we dan met elkaar over. Ja hoor, ook met mij." Gerritsma kent de Dreijenborch als zijn broekzak, hij kent er elk stopcontact. Twee ochtenden per week gaat hij naar Microbiologie en het Scheikundegebouw. Jarenlang werkte hij met de 'mop' en dweilde gangen en lokalen. Maar inmiddels ouder geworden, ("Jaha! Vijfenvijftig, hoor!") valt het dweilen met de mop hem toch wat te zwaar en heeft hij de beschikking gekregen over een elektrische boenmachine. "Ik kan niet autorijden, maar de boenmachine zal me niet zo snel uit de handen lopen", ginnegapt hij.

Tijdens 'dat eenvoudige werk' mijmert Gerritsma over filosofische onderwerpen en peurt daaruit antwoorden en oplossingen voor problemen die men in het leven tegenkomt. Zoals bijvoorbeeld 'haten'. "Haten," stelt hij, "dat is verkeerd. Dan zend je h??t uit. Je moet vrede in jezelf kunnen vinden en dat uitzenden. Daar alleen maak je de wereld beter mee. Al kan ik wel boos worden of gekweld, zoals toen mijn lievelingszuster, waar ik een heel speciale band mee had, overleed in 1998. De dag waarop ze vijftig zou zijn geworden, precies op die dag kwam mijn boekje van de drukker." In toevalstreffers gelooft Gerritsma niet, als gebeurtenissen samenvallen, heeft dat een diepere betekenis.

De tekeningen in het boekje zijn van de Wageningse kunstenaar Mark? Markov, die hij hoog heeft zitten en met wie hij een sterke band voelt sinds hun kennismaking in 1995. Als 'impressionistisch zelfportret' drukken ze in beelden de tekst uit en vormen daarmee dus ??n geheel. Ze bestaan uit over elkaar tuimelende, dwarrelende figuren van naakte mannen, of eigenlijk impressionistische weergaven daarvan.

'Een soort oefening in publiceren' noemt Gerritsma zijn 'stukjes' in Het Roze Bericht, het Wageningse homoblad. Op die stukjes en gedichten kreeg hij nooit een reactie. "In al die jaren was er niemand die naar me toe kwam om eens te zeggen: Wat heb je dat mooi geschreven, Sjirk!" Daarover is hij wel teleurgesteld.

"Ach ja, die uitspraken van die imam. Wat moet je daarmee?" Spottend: "Als antwoord heb ik twee homo-erotische gedichten geschreven. Kan iedereen beoordelen hoe tegennatuurlijk homo's allemaal zijn." Cynisch is hij doorgaans niet. "Is dit cynisch? Nou, misschien nu dan wel."

Wageningen is duidelijk zijn stek en stad geworden en daarom windt hij zich, op zijn zolderkamer met kachel en kat, op over het feit dat de universiteit Hotel De Wereld wil verkopen. "Wat daar allemaal aan belangrijke sociale elementen is ondergebracht, vooral voor de studenten, dat mag toch niet verloren gaan? Het is daar de ideale plek voor dat soort dingen. Een historische plek bovendien. Nu denk ik ook aan Movie W. Moet dat allemaal weer over andere plekken worden verdeeld? Dat mag niet gebeuren, vind ik. Een exclusieve eetgelegenheid willen ze er van maken. Nou, die zijn er in Wageningen genoeg, hoor!"

In het Kopshuis, waar we zitten, met koffie en Gerritsma met zijn eigen 'fris' uit een thermoskan, is inmiddels iedereen verdwenen. Het is vrijdagnamiddag.

"Je moet nog schrijven waar mijn boekje te koop is," zegt hij dwingend. Maar dit is geen reclameboodschap. Iedereen weet toch de boekwinkels wel te vinden in Wageningen?

Lydia Wubbenhorst

Tijdens het schoonmaken mijmert Sjirk Gerritsma over filosofische onderwerpen.

Foto Guy Ackermans

Re:ageer