Wetenschap - 19 oktober 2006

Rupsenspuug maakt zandraket sterker

Als rupsen knabbelen aan de zandraket, wordt de modelplant minder vatbaar voor bacterie- en virusziekten. Dat schrijven Utrechtse en Wageningse plantenwetenschappers in Plant Physiology. Uit hun onderzoek blijkt dat plaaginsecten een plant in hogere staat van paraatheid kunnen brengen.
‘We weten nog niet precies hoe het werkt, maar er is al wel een term voor: priming’, zegt entomoloog prof. Marcel Dicke. ‘Ook gewassen zijn soms beter bestand tegen ziekteverwekkers als ze aangevreten zijn door een plaaginsect. Soms is er een sterk effect, soms geen enkel.’ De onvoorspelbaarheid van de reacties was aanleiding om het fenomeen te onderzoeken bij de arabidopsis of zandraket.
In het artikel schrijven de onderzoekers dat een zandraket die wordt aangevreten door rupsen van het koolwitje, lokaal minder gevoelig wordt voor de bacterieziekten zwartnervigheid (Xanthomonas campestris) en bacteriekanker (Pseudomonas syringae). De vraat heeft geen effect op de door een schimmel veroorzaakte spikkelziekte (Alternaria brassicicola), maar wel weer op een infectie met het ‘raapkreukel-virus’ (TCV). De rupsenvraat voorkomt dan virusvermeerdering en het optreden van bladschade in de gehele plant.
De plantenhormonen jasmijnzuur en ethyleen, waarvan de productie in de plant wordt beïnvloed door rupsenvraat, spelen net als salicylzuur (‘aspirine’) een rol in de totstandkoming van de hogere staat van paraatheid in de plant. De planten alleen beschadigen heeft in ieder geval geen zin: de reactie treedt pas op als er ook rupsenspeeksel in de wonden wordt gebracht.
Dicke: ‘Priming is interessant, want het zorgt dat planten sneller kunnen reageren op een ziekteverwekker. Daar willen we natuurlijk alles over weten.’

Re:ageer