Wetenschap - 1 januari 1970

Rien Bor, studentenwerver en voetballiefhebber

Rien Bor, studentenwerver en voetballiefhebber

Rien Bor, studentenwerver en voetballiefhebber

'Met FC Wageningen was Wageningen wèl veertig keer per week op radio en tv'
De liefde van Rien Bor voor het voetbal stamt uit de tijd dat hij als
kleine jongen met zijn vader naar het stadion van FC Wageningen ging. Twee
jaar geleden schreef hij een boek over de voetbalclub die inmiddels ruim
tien jaar failliet is. Zaterdag 20 december verschijnt er een tweede
voetbalboek van zijn hand, over de sportieve historie van Vitesse.
Rien Bor werkt vier dagen per week aan de werving van internationale
studenten. Hij gaat er met regelmaat voor naar het buitenland. Daarnaast
zit hij voor de PvdA in de gemeenteraad. ,,Ik hou van besturen. Ik heb
altijd iets gedaan naast mijn werk.’’
De liefde voor voetbal ontwikkelde zich bij FC Wageningen, de profclub die
tot het faillissement het stadion De Wageningse Berg bespeelde. ,,Als
jongetje van zes ging ik op zondag aan de hand van mijn vader met de bus
naar Wageningen. Het busstation zat toen nog op het plein achter De Wereld.
Met alle andere supporters liepen we dan de Berg op’’, vertelt Bor, die in
Elst opgroeide en sinds zijn vierentwintigste in Wageningen woont.
Naast voetbal kijken heeft Bor zelf ook gevoetbald, op het veld en later in
de zaal. Lang had hij echter last van astmatische bronchitis. ,,Toen ik 34
was vonden ze een medicijn uit dat hielp en toen ben ik aan een forse
verlenging begonnen’’, beschrijft Bor de situatie. Zijn longaandoening
heeft hem echter ook gehard. ,,Ik maak mij niet zo gauw ergens druk meer
om.’’
Bor zegt van voetbal te houden vanwege ‘het spelletje’, maar eigenlijk gaat
het om alles er omheen. ,,Als je de tribune oploopt is het alsof je een
café binnenloopt waar je al jaren komt'', vertelt hij gepassioneerd. ,,Er
hangt een sfeer van saamhorigheid. Je vloekt samen op de scheidsrechter; je
ergert je samen aan de speler die voor de zoveelste keer een kans mist; je
slaat elkaar op de schouders als het goed gaat; je hebt allemaal koude
voeten en een muts op; en als iemand een zakflaconnetje meegenomen heeft
gaat de dop rond. Dat is voetbal.’’
Rond 1990 raakte Bor betrokken bij de pogingen om eerste divisieclub FC
Wageningen uit het moeras te trekken. Na anderhalf jaar van reorganisaties
ging de club in juni 1992 desondanks failliet. Zijn voetbalenthousiasme
kreeg hierdoor een flinke knauw. ,,Ik zou niet meer weten wie er bovenaan
staat in de eerste divisie, ik volg het niet meer zo. Alleen de eredivisie
nog een beetje.’’
Toch zei hij ja toen hij in 1999 werd gevraagd een boek te schrijven te
schrijven over FC Wageningen. ,,Ik heb een liefde voor taal en heb, in de
twintig jaar dat ik de communicatie voor de universiteit deed, vaak van
moeilijke verhalen leesbare teksten gemaakt. Het was hartstikke leuk om met
mensen te spreken die met veel enthousiasme en bezieling over hun club
praten.’’ In 2001 werd het boek, dat hij samen met Arjan Molenaar maakte en
dat een compleet tijdsbeeld geeft over de periode van betaald voetbal op de
Wageningse Berg, gepresenteerd.
Niet lang daarna vroeg Vitesse het duo ook een boek over de Arnhemse
voetbalclub te schrijven. ,,De club bleek, in tegenstelling tot FC
Wageningen, nauwelijks cijfermateriaal te hebben. We hebben daarom
bijvoorbeeld in het archief van de KNVB en het Gelders archief moeten
spitten. Voor de sfeerverhalen heb ik gesproken met oud-trainers en
-spelers.’’ Bor is door het boek, dat de sportieve historie van Vitesse
beschrijft, niet bijzonder betrokken geraakt bij de club. ,,Het boek wordt
gepresenteerd bij de wedstrijd Vitesse-PSV, en dat wordt de eerste
wedstrijd die ik bezoek van Vitesse.’’ Door het geweld op en rond de
tribunes en de clubcard zag hij de laatste tien jaar nog maar sporadisch
een stadion van binnen.
De open wond die het verdwijnen van FC Wageningen naliet, is wat genezen,
maar Bor ergert zich aan de mensen die zeggen dat het oude stadion maar
moet worden afgebroken. ,,Dat kun je net zo goed zeggen over oude panden in
de stad. Maar ook de tribune heeft sociale, culturele en historische
waarde.’’ Een voorbeeld van de badinerende houding ten opzichte van voetbal
is het feit dat het idee voor een nieuw, klein stadion bij Bennekom al
afgeschoten werd voordat het goed en wel gepresenteerd was. ,,In Wageningen
is de cultuur dat als je ergens een paal in de grond wilt slaan die bodem
geomorfologisch interessant is of er een laagvliegende roofwants bedreigd
wordt. Maar toen FC Wageningen er nog was werd Wageningen wèl veertig keer
per week op radio en tv genoemd.’’ |
Yvonne de Hilster

Re:ageer