Organisatie - 24 mei 2007

Rekenkamer: relatie tussen DLO en LNV niet zakelijk

Het ministerie van LNV gaat niet zakelijk om met de onderzoeksinstituten van DLO. Dat zegt de Algemene rekenkamer in een rapport over de uitgaven van LNV. De rekenkamer vindt dat DLO te hoge voorschotten krijgt. In totaal zouden de onderzoeksinstituten, die onderdeel zijn van Wageningen UR, 33 miljoen euro te veel hebben ontvangen.

De voorschotten worden volgens woordvoerder Simon Vink veroorzaakt doordat projecten soms laat van start gaan. Overleg over de onderzoeksvragen met ambtenaren en belanghebbenden vergt soms veel tijd waardoor een project pas halverwege het jaar van start gaat. ‘Het zit vooral in wat in ambtenarenjargon vraagarticulatie heet: het samen vaststellen van de onderzoeksvragen. Daar zijn we nu een paar jaar mee bezig, dus nog niet alles loopt optimaal. Daardoor duurt het soms wat langer voordat onderzoekers daadwerkelijk aan de slag kunnen’, aldus Vink. ‘Wij verantwoorden netjes onze uren. Als de start vertraagd is, komt het voor dat niet het gehele project binnen een jaar is afgerond. Een deel van het werk verschuift dan naar het volgende jaar. Omdat het geld wel is gereserveerd, blijft het dan als voorschot in de boeken staan.’
Daarnaast speelt mee dat er de afgelopen jaren een paar crises zijn geweest, zegt Vink. ‘Als er een dierziekte uitbreekt, of een voedselcrisis, moeten CIDC en RIKILT meteen alle andere werkzaamheden neerleggen. Dan loopt het lopende onderzoek vertraging op.’
Volgens Vink is er geen sprake van vriendjespolitiek tussen LNV en DLO. ‘Onze relatie is strikt zakelijk. Wij lopen daarin juist voorop. Andere instituten krijgen vaak een hoop geld en vullen het onderzoek dan later in. Wij praten eerst over de vragen die het ministerie en de sector beantwoord willen zien.’
Het ministerie en Wageningen UR hadden overigens al afspraken gemaakt om de voorschotten terug te dringen. ‘Maar streven naar nul euro, zoals de rekenkamer vraagt, vinden wij niet realistisch. Wij streven naar een maximale werkvoorraad van vijf procent’, zegt Vink. Volgens hem raken de instituten niet in financiële moeilijkheden als de voorschotten worden verkleind.

Re:ageer