Wetenschap - 4 oktober 2001

Recreatie in bos is niet winstgevend, maar houtkap al helemaal niet

Recreatie in bos is niet winstgevend, maar houtkap al helemaal niet

Particuliere boseigenaren leden vorig jaar opnieuw verlies. Dat blijkt uit een bedrijfskundig onderzoek van het LEI. De overheidssubsidies voor bos- en natuurbeheer die particulieren krijgen wegen niet op tegen de stijgende kosten van beheer en openstelling voor het publiek.

De opbrengst uit houtverkoop was afgelopen jaar ook laag. Maar de inkomsten uit bos bestaan voor het grootste gedeelte uit subsidies. In de jaren tachtig kwam veertig procent van de inkomsten uit verkoop van hout, in 2000 nog maar 26 procent. Natuurmonumenten verkoopt helemaal geen hout meer en laat gekapte stammen in het bos liggen omdat dit de natuurwaarde verhoogt.

De subsidies - sinds kort ondergebracht in een Programma Beheer van het ministerie van LNV - zijn volgens onderzoeker drs. Jan Luijt van het LEI nog onvoldoende om de hogere kosten van beheer te compenseren. De kosten stegen vooral door een bijzondere maatregel, het Overlevingsplan Bos en Natuur, waardoor eigenaren bomen moeten vervangen in vervuilde gebieden. De vergoeding die ze daarvoor krijgen weegt niet op tegen de kosten.

Kaalkap, waarbij ineens alle bomen gekapt worden, komt nu vrijwel niet meer voor bij particuliere boseigenaren. Dit komt doordat de oude herplantsubsidie, die betaalde voor aanplant van nieuwe bomen na de kap, een aantal jaar geleden is vervallen.

Bijna een kwart van het Nederlandse bos is in particulier bezit. Het gaat om eigendommen van gemiddeld veertig hectare. Eigenaren moeten al jaren bijleggen op het bezit van bos. Luijt denkt dan ook dat andere motieven dan winst een rol spelen in bosbezit. Individuele eigenaren houden het in bezit omdat ze bos en landschap in stand willen houden voor komende generaties. Een nieuw type eigenaren, zoals Fortis of verzekeraar Amev, heeft een andere reden om bos te kopen; zij be?nvloeden de bestemmingsplannen. | J.T.

Re:ageer