Wetenschap - 9 december 2013

Promovendus vertrekt net op tijd uit Syrie

tekst:
Albert Sikkema

Stel, je doet landbouwkundig onderzoek in Syrië en komt in de burgeroorlog in dat land terecht. Dat overkwam Abdoul Niane, die op 3 december promoveerde in Wageningen. De medewerker van het onderzoeksinstituut ICARDA moest vorig jaar uit Aleppo vertrekken en werkt nu in Libanon.

‘We vertrokken net op tijd’, zegt Niane, als hij de evacuatie vanuit Aleppo in herinnering roept. De 54-jarige Senegalees, die al 25 jaar bij het International Center for Agricultural Research in Dry Areas (ICARDA) in Syrië werkte,  moest het onderzoeksstation in maart vorig jaar verlaten. Snel daarna werden alle buitenlandse medewerkers op het hoofdkwartier van ICARDA, op 35 kilometer van Aleppo, geëvacueerd.

De situatie voor de ICARDA-medewerkers, die in Aleppo woonden, werd steeds gevaarlijker, zegt Niane. Bovendien werd veel materiaal op het instituut, waaronder het wagenpark van 120 trucs en auto’s, de airconditioning en vele computers, gestolen. Daarop besloot het management van ICARDA uit Syrië te vertrekken. Ze lieten een onderzoeksinstituut van duizend hectare achter, met daarop proefvelden, een veterinair lab, een melkfabriek en een genenbank.

Toch zitten er nu nog lokale medewerkers van ICARDA op dit hoofdkwartier, vertelt Niane op de dag van zijn promotie in Wageningen. ‘Het instituut is niet vernietigd, de infrastructuur is intact, het lokale personeel onderhoudt het complex.’ Zo is de genenbank van ICARDA in Aleppo nog steeds operationeel, hoewel het instituut de zaadcollectie voor de zekerheid ook in andere landen heeft ondergebracht.

De onderzoekers werden verdeeld over de regionale onderzoekscentra van ICARDA in onder meer Jordanië, Marokko, Ethiopië en Egypte. Niane en zijn collega’s van de zaaizaadafdeling kwamen in Libanon terecht.

Gelet op de schaal en nabijheid van de burgeroorlog viel het aantal slachtoffers op het instituut mee, zegt Niane, maar de situatie in zijn onderzoeksgebied was veel slechter. Niane onderzocht de invloed van begrazing door geiten en schapen op de vegetatiesamenstelling van de droge graslanden in noordelijk Syrië. ‘Enkele dorpen in mijn onderzoeksgebied zijn volledig platgebombardeerd. Daar moeten veel slachtoffers zijn gevallen. In een van de dorpen was net geïnvesteerd in voorzieningen om de graslanden te herstellen. Die investering zal ook wel kapot zijn.’


Re:ageer