Wetenschap - 27 september 2001

Profiel: Nutriënten Management Instituut

Profiel: Nutriënten Management Instituut

Aantal medewerkers: twintig.

Jaaromzet: 2,5 miljoen gulden.

Locatie: Agrobusinesspark 20, Wageningen.

URL: www.nmi-agro.nl.

Rechtsvorm: BV.

Taakveld: NMI ziet zichzelf als een bemiddelaar tussen wetenschap en de agrarische sector op het gebied van bemesting. Het bedrijf adviseert ministeries, productschappen, provincies, fabrikanten van meststoffen en andere instellingen over effici?nter en milieuvriendelijker gebruik van organische mest, kunstmest en compost. NMI's expertise strekt zich uit tot alle takken van de landbouw.

Toekomst: NMI streeft ernaar uit te groeien tot h?t nationale kenniscentrum op het gebied van mineralenmanagement. Tegelijkertijd wil het de expertise uitbreiden naar verwante terreinen, zoals veevoeding en bodemkwaliteit. NMI wil de inmiddels opgebouwde kennis inbrengen in projecten in het buitenland.

Probleem: NMI is actief in een krimpende markt. Voor NMI is dat nog geen probleem, want het is een jong bedrijf, dat vooralsnog kansen genoeg ziet om te groeien. Wel wordt het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten daardoor moeilijker. Op een krimpende markt veranderen collega's al snel in concurrenten.

Relatie met Wageningen UR: Driekwart van het personeelsbestand van NMI bestaat uit Wageningse academici. Tot voor kort had NMI medewerkers gedetacheerd bij het Praktijkonderzoek Veehouderij en sectie Bodemkunde en plantenvoeding van Wageningen Universiteit. Met die partijen houdt NMI contact.

Inmiddels is het alweer vijf jaar geleden dat de Oosterbeekse adviesgroep Blgg NMI overnam. Het veranderingsproces dat toen begon, is nog lang niet afgelopen, vertelt ir. Ruud Pothoven, directeur van NMI. "Vroeger deden we vooral onderzoek voor meststofbedrijven. Sinds we een dochteronderneming zijn, verschuift ons werk steeds meer naar advies en consultancy." NMI werkt niet voor boeren, maar haalt veel van zijn opdrachten binnen via het privatiserende circuit rond de ministeries van LNV en Vrom, en steeds vaker de EU. Steeds minder opdrachten in de orderportefeuille van NMI zijn zo diepgravend dat het bedrijf in het laboratorium of in het veld onderzoek moet doen om ze te vervullen. Vroeger was dat anders. Toen had het bedrijf onderzoekers gedetacheerd aan onderdelen van Wageningen UR, waar kennis en vooral onderzoeksfaciliteiten aanwezig waren.

Het huidige NMI houdt zich meer bezig met 'kennismontage': het toepassen van bestaande onderzoekskennis in de praktijk. Het werkveld van NMI is daardoor verbreed. Vroeger richtte het bedrijf zich op de optimalisering en milieuaspecten van mest. Nu is het bedrijf zich aan het verbreden naar aangrenzende terreinen als veevoeding, bodem- en waterkwaliteit. Daarnaast is het gaan samenwerken met niet-traditionele onderzoeksinstellingen als het Louis Bolkinstituut en het Centrum voor Landbouw en Milieu. Pothoven: "Onze rol in die samenwerkingsverbanden is het aandragen en toepassen van kennis die in de gangbare landbouw is verworven."

NMI werkt nu, samen met Praktijkonderzoek Veehouderij, Adviesgroep DLV en GroeiNet Informatiesystemen, mee aan het Project Praktijkcijfers. Daarin proberen onderzoekers door middel van voorlichting aan boeren het mineralenoverschot terug te dringen. LNV en Vrom betalen het project, via een geldstroom die agro-onderzoekers 'de nitraatgelden' zijn gaan noemen. Diezelfde nitraatgelden financieren een aantal ander projecten van NMI. Daarin ontwikkelt het bedrijf computermodellen, internetapplicaties en een soort rekenliniaal. Boeren kunnen met die instrumenten berekenen hoe ze hun mineralenmanagement kunnen verbeteren. "De instrumenten komen straks te liggen in een virtuele Kenniswinkel", vertelt Pothoven. "Boeren zullen dan van de overheid een bedrag krijgen, waarmee ze de instrumenten van hun voorkeur kunnen aanschaffen." Boeren kunnen het geld trouwens ook gebruiken voor het inkopen van ouderwets advies. | W.K.

Re:ageer