Wetenschap - 14 november 2002

Prof. Eric Goewie is bang dat ook de biologische landbouw te productiegericht wordt

Prof. Eric Goewie is bang dat ook de biologische landbouw te productiegericht wordt

'Een hoogleraar zou vooral leraar moeten zijn'

Koester de principes die je hebt, ook al blijf je daardoor klein. Dat is beter dan groeien door die principes te verloochenen. Dat is het advies van prof. Eric Goewie aan de biologische landbouw in Nederland, die een luis in de pels moet blijven. Maar het gaat ook op voor zijn eigen carri?re. Zijn vakgebied werd opgedeeld in verschillende disciplines en dat druiste tegen zijn principes in. De leerstoelgroep ecologische landbouw, waarvan hij hoogleraar was, verdween in 2000. "Ik ben nu aan het afbouwen, over twee jaar ga ik met pensioen."

Prof. Eric Goewie (58) maakt zich zorgen over de biologische landbouw in Nederland. De sector groeit en biologische producten liggen veelvuldig in de Albert Heijn. Maar de sector verlaat het waardepatroon waar ze uit voortkomt en dreigt daarmee in dezelfde valkuilen te vallen als de gangbare landbouw, waarschuwt Goewie, die nu hoogleraar maatschappelijke aspecten van de biologische landbouw is. De essentie van de biologische landbouw is het systeemdenken, legt hij uit. Plant, dier, bodem, boer en maatschappij komen daarbij samen op bedrijfsniveau. Het biologisch bedrijfssysteem kent een aantal principes. Nabijheid van producent en consument, zelfregulering door gesloten kringlopen van nutri?nten, een positieve energiebalans op het bedrijf en behoud van diversiteit zijn de belangrijkste. Het systeem dat zich daar aan houdt produceert niet alleen voedsel, maar ook andere diensten voor de maatschappij, zoals een schoon milieu. En waar het in de gangbare landbouw eigenlijk maar lastig is dat er een koe aan de uier zit, zegt Goewie, zo is dierwelzijn voor de biologische landbouw onderdeel van het geheel. Een onderdeel dat bovendien hoge kosten voor de veearts voorkomt. Grootschalige bulkproductie kan de biologische sector om deze principi?le redenen niet aan, meent Goewie. Biologische producten zijn dus duurder, en dat hoort ook zo, vindt hij. Cijfers van het LEI wijzen uit dat biologische boeren beter betaald worden voor hun werk en dus meer kansen hebben te overleven. Toch wordt de biologische landbouw nu net als de gangbare landbouw te veel productgericht, denkt Goewie. Albert Heijn, goed voor tachtig procent van de verkoop, maalt volgens Goewie niet om het systeem achter de biologische landbouw, maar wil alleen maar winst maken.

Kritiek

Dat uit zich ook in de manier waarop in Wageningen met biologische landbouw wordt omgegaan, vindt Goewie. Ook hier is de biologische landbouw steeds meer geaccepteerd, maar het gaat daarbij wel steeds vaker om het product en minder om het systeem erachter. De naam van de nieuwe opleiding biologische landbouw spreekt boekdelen: biologische productiewetenschappen. Goewie weet waar hij het over heeft. Hij studeerde in de jaren zestig gewasbescherming in Wageningen en ging bij het ministerie van LNV werken, waar hij het meerjarenplan gewasbescherming ontwikkelde. Later werd hij directeur van de plantenziektekundige dienst, waar zijn interesse in de biologische landbouw ontstond. Als landbouw ook zonder gif kan, waarom zouden we dat dan niet doen, was zijn redenatie. Toen de landbouwuniversiteit in 1992 - het jaar van de duurzaamheidsconferentie in Rio - een leerstoel ecologische landbouw instelde, werd Goewie daar voor gevraagd. Voor hemzelf was het een grote omslag hoogleraar te worden, omdat hij zich altijd meer met de grote lijnen van beleid had bezig gehouden dan met de details van de wetenschap. "Wetenschap is belangrijk, maar het is nooit mijn ziel en zaligheid geweest."

De leerstoelgroep ecologische landbouw van Goewie groeide uit tot dertig medewerkers en trok doorlopend zo'n vijftig studenten. Goewie: "Dat leverde spanning op omdat wij elders studenten wegtrokken. Dat vormde denk ik aanleiding voor de eerste kritiek." Het college van bestuur vroeg zich af waarom de biologische landbouw een aparte leerstoelgroep moest hebben en vond dat het onderdeel moest worden van verschillende bestaande leerstoelgroepen in de plant-, dier-, bodem- en maatschappijwetenschappen. Die opsplitsing raakte de groep van Goewie in de kern van haar systeembenadering, die nu juist al die aspecten in hun samenhang wil zien. Dat was volgens Goewie de reden dat hij bedankte voor de nieuwe leerstoel biologische productiesystemen die nu door Ariena van Bruggen bezet wordt. Goewie bleef hoogleraar, maar heeft geen staf en middelen meer. Goewie: "Ik ga nu over twee jaar met pensioen. Ik ben aan het afbouwen." Op dit moment begeleidt Goewie vooral studenten en promovendi, veelal door hen een onderkomen bij universiteiten elders te bieden via zijn uitgebreide netwerk in het buitenland.

Schuttersputje

Goewie heeft in de jaren dat hij hoogleraar ecologische landbouw was een titanenstrijd moeten leveren voor behoud van de groep, die jarenlang weggestopt zat in een houten barak achter het gebouw van agronomie. Ook de omschakeling van het proefbedrijf de Minderhoudhoeve kostte heel wat moeite. Toen Goewie om meer capaciteit vroeg omdat hij de toestromende studenten niet aankon, vertelde voormalig collegevoorzitter dr Theo Vos hem in 1994 ronduit dat de biologische landbouw niks is en nooit iets zou worden. De principes van de biologische landbouw werden - en worden - vaak belachelijk gemaakt, zegt Goewie. Een verklaring is volgens hem dat die principes het fundament van de gangbare landbouw bedreigen. Nabijheid, zelfregulering, diversiteit en energiezuinigheid staan voor regionale ontwikkeling, niet voor globalisering en grootschalige bulkproductie.

Toch heeft Goewie meegewerkt aan de afbouw van de leerstoelgroep ecologische landbouw, toen eenmaal duidelijk was dat er geen andere weg te gaan was. "Ik wilde nieuwe mensen ruimte geven. En ik ben ook een voorstander van openheid ten opzichte van de rest van de instelling." Hoewel hij zegt veel tegengewerkt te zijn, zit de echte oorzaak van de val van zijn leerstoelgroep volgens hem in de aard van het huidige wetenschappelijk bedrijf. Doordat onderzoek op de universiteit belangrijker is geworden dan onderwijs - "een hoogleraar zou vooral leraar moeten zijn" - en onderzoek alleen daar gedaan wordt waar geld voor is, moeten wetenschappers zich steeds meer specialiseren. Goewie: "Ze graven zich in in hun schuttersputje, en kunnen uiteindelijk niet meer over de rand kijken. Dat levert technologische oplossingen op die meer problemen opleveren dan dat ze oplossen. Want de wetenschappelijke bijsluiter is er nooit bij geleverd. Want die kun je alleen maken als je uit je eigen schuttersputje klimt om te zien wat voor gevolgen je technologie heeft." | Joris Tielens

Fotobijschrift:

Prof. Eric Goewie: "De gangbare landbouw vindt het alleen maar lastig dat er een koe aan de uiers zit"

Re:ageer