Wetenschap - 1 januari 1970

Proefbedrijf teelt koolzaad op bagger

Hoog in de kop van Noord-Holland overleeft één van de oudste proefboerderijen van Nederland: de Oostwaardhoeve bij Slootdorp in de Wieringermeer. Vrijdag 23 juni en zaterdag 24 juni vierde het bedrijf het 65-jarig bestaan. De boerderij heeft zich ontwikkeld tot een eco-technisch proefbedrijf gespecialiseerd in landfarming. Zo wordt op de hoeve baggerspecie gereinigd door er energiegewassen op te telen.

De banden tussen Wageningen en de Oostwaardhoeve zijn onmiskenbaar, maar toch is het proefbedrijf ook een beetje een vreemde eend in de bijt. Het voormalige proefbedrijf van het IMAG opereert nu ruim vijf jaar als een zelfstandige onderneming. Het is een Vennootschap Onder Firma (VOF), waarvan Wageningen UR voor de helft eigenaar is. Volgens het recente jaarverslag draaide het bedrijf een bescheiden winst van 50.000 euro.
‘Niet gek in deze tijden’, concludeert algemeen manager dr. Jan Huijsmans, die zijn werk voor de Oostwaardhoeve combineert met een baan als onderzoeker bij Plant Research International. ‘Ik ben het levende bewijs dat de band met Wageningen is blijven bestaan. De verzelfstandiging was min of meer gedwongen, maar heeft goed uitgepakt. We hebben een klein vast team en kunnen nu sneller zelf besluiten nemen. Door de samenwerking met een milieutechnisch bureau zijn we erin geslaagd het verwerken van baggerspecie tot een nieuwe poot onder het bedrijf te maken. Met 250 hectare op verschillende grondsoorten – van zand tot zware klei - zijn we ook bij uitstek geschikt voor het uitvoeren van grootschalige proeven.’
Mede daarom heeft de Oostwaardhoeve een pioniersrol vervuld in de ontwikkeling van satellietnavigatie, GPS-besturing en de precisielandbouw, zegt Huijsmans. ‘Maar ook het oude-IMAG-onderzoek naar drift van gewasbeschermingsmiddelen, naar ammoniakemissie bij het uitrijden van mest en naar innovatieve oogsttechnieken en grondbewerking zijn we gewoon blijven doen. Verder koesteren we nadrukkelijk onze regionale functie en doen we met provinciale steun bijvoorbeeld onderzoek naar verzilting en de mogelijkheden van de bloembollenteelt in de Wieringermeer’, aldus Huijsmans.

Baggerspecie
Tijdens het lustrumsymposium roemt ook Ewald Scholten, directeur van het milieuadviesbedrijf De Vries en van de Wiel en partner binnen de VOF, de publiek-private samenwerking (PPS) die tot stand is gebracht. ‘Toen wij onze krachten bundelden bestond het modewoord PPS nog niet. Wij wisten ook niet wat het zou worden, maar zagen wel dat baggerspecie kansen bood voor de Oostwaardhoeve. Niet door een depot te worden, maar door echts iets met de bagger te doen en van bagger weer grond te maken die een nieuwe toepassing kan krijgen.’
In het geschiedenisboek van de Oostwaardhoeve dat tijdens het symposium werd gepresenteerd, is te lezen hoe de samenwerking rond de biologische reiniging van baggerspecie tot stand kwam. Het storten of verwerken van verontreinigd baggerspecie, afkomstig uit de bodem van rivieren en andere watergangen, is een zeer kostbare aangelegenheid. In het project EuroJoule (Energie Uit Reiniging van Onderwaterbodems) wordt de baggerspecie in een laag op het land aangebracht, waarbij door rijping en ontwatering biologische afbraak van verontreinigingen als PAK’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) en minerale oliën kan plaatsvinden.
In 1996 werd op percelen van de Oostwaarhoeve een proefveld van 36 hectare ingericht om onder meer te onderzoeken in hoeverre begroeiing van de baggerspecie de afbraak van de verontreinigingen kan stimuleren. In het begin werd het slib aangevoerd met vrachtwagens, maar sinds 2005 liggen er speciale pijpleidingen waarmee de baggerspecie per schip vanaf het Waardkanaal rechtstreeks naar het betreffende perceel gepompt kan worden. Alleen licht verontreinigd slib komt in aanmerking voor deze vorm van landfarming. Op een aantal percelen werd gestart met de teelt van wilgen, waarvan de biomassa te zijner tijd gebruik kan worden voor energieopwekking. De beluchting door de wilgenwortels blijkt een positief effect te hebben op het reinigingsproces. Het toedienen van baggerspecie aan bestaande wilgenteelt stelde de onderzoekers aanvankelijk voor de nodige problemen, maar bleek uiteindelijk goed mogelijk.

Koolzaad
Omdat wilgenteelt nog weinig rendement opbrengt is het proefbedrijf vorig jaar overgeschakeld op de teelt van koolzaad, om daaruit milieuvriendelijke biodiesel te persen. Uit onderzoek blijkt dat regenwormen al vrij snel de baggerdepots weten te koloniseren en een grote bijdrage leveren aan de snellere afbraak van PAK’s. Zodra de grond de verontreinigingsklasse 1 (licht verontreinigd) heeft bereikt mag het in principe worden gebruikt voor de ophoging van wegbermen of dijken.
De gedeputeerde van de provincie Noord-Holland Hans Schipper, die tijdens het symposium het geschiedenisboek van de Oostwaardhoeve in ontvangst nam, roemde de 65-jarige die er ‘steeds in is geslaagd met haar tijd mee te gaan’. Hij riep het bedrijf op vooral door te gaan en hij hield het niet bij woorden alleen: Schipper zegde 100.000 euro toe voor een vervolgproject ‘Wieringermeer preciezer’ om de precisieteelt verder te optimaliseren, dat door het proefbedrijf wordt gecoördineerd. De aanwezigen waren zichtbaar tevreden met zijn toezegging ‘ook in de toekomst af en toe met het oliespuitje rond te gaan.’

Gert van Maanen

’65 jaar Oostwaardhoeve op goede gronden’ – de geschiedenis van een landbouwtechnisch proefbedrijf, Wil Datema, 2006.

Re:ageer