Organisatie - 8 februari 2007

Procesbegeleider of onderzoeker?

In het beleidsondersteunende onderzoek dat Wageningen UR uitvoert, blijven onderzoekers niet meer altijd als onafhankelijk buitenstaanders aan de zijlijn staan. Steeds vaker zijn ze een soort procesbegeleider met beleidsdoelen. Nu is het nobel om bijvoorbeeld te streven naar meer koeien in de wei, maar begeven wetenschappers zich op die manier niet op een hellend vlak?

98_opinie_0.jpg
Prof. Herman Eijsackers, voorzitter van de Wetenschappelijke Adviesraad van Wageningen UR
‘De trend om onderzoekers nauwer te betrekken bij beleidsprocessen past bij de ontwikkeling in het openbaar bestuur. Daar is sprake van het GoGo-effect, van government naar governance of in andere woorden van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’. Dat onderzoek veel structureler betrokken wordt bij het beleidsproces is geen bedreiging voor het onderzoek maar juist een kans. Van klassieke onderzoekers hoorde je vaak de klacht: ze gebruiken onze onderzoeksresultaten niet. Het gaat er toch niet om of je gelijk hebt, maar of je gelijk krijgt.
Voor een missiegedreven instelling als Wageningen UR ligt hier een geweldige kans om zich nog beter te positioneren. We hebben ervaring met bèta-gamma-interactie en verstand van zulke processen. Het is soms wel een lastige rol, maar ik vind het flauw om te veronderstellen dat zo het vertrouwen in onderzoeksresultaten op het spel worden gezet. Natuurlijk, vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Je moet je wel realiseren dat het afbreukrisico groter is. Het gaat uiteindelijk om het in balans houden van distantie en betrokkenheid. Hoeveel onderzoek gebeurt er puur uit nieuwsgierigheid? Ook bij puur fundamenteel onderzoek maak je keuzes en heb je rekening te houden met de spelregels van NWO.’

Prof. Bas Arts, hoogleraar Bos- en natuurbeleid[img]
‘Op zich is het goed als je als onderzoeker een zekere distantie houdt. Verder is het vooral belangrijk dat je je ervan bewust bent dat bij beleidsrelevant onderzoek de grenzen tussen beleid en wetenschap niet altijd zo scherp zijn. Het is allemaal minder zwart-wit dan in het verleden.
Juist als je als wetenschapper vasthoudt aan het ideaalbeeld van het onafhankelijke onderzoek loop je het risico in een valkuil te lopen. Het begint vaak al bij het scherp krijgen van de onderzoeksvraag. Als je met een opdrachtgever om tafel zit, blijkt vaak dat die vraag niet scherp genoeg is. Je kunt als wetenschapper dan eigenlijk niet anders dan het gesprek aan te gaan en te proberen een goede onderzoeksvraag op tafel te krijgen. Als je heel principieel bent is dit al sturing.
Belangrijk is wel dat je transparant bent in de rapportage en duidelijk bent richting opdrachtgever. Het is naïef te denken dat je als onderzoeker geen onderdeel bent van het proces, maar dat betekent niet dat je niet af en toe mag zeggen: tot hier en niet verder.’

Dr. Henk Smit, directeur van Wing Process Consultancy, sinds 1 januari een zelfstandig bedrijf voortgekomen uit Alterra en LEI[img]
‘Er is niets mis mee als Wageningen aan procesbegeleiding doet. Als je Science for Impact claimt, moet je je als wetenschapper ook met de impact bemoeien. Procesbegeleiding is een manier om verschillende kennisbronnen bij elkaar te brengen, en samen met maatschappelijke partijen aan complexe vraagstukken te werken. Procesbegeleiding is dan een middel, net als statistiek, dat je in het onderzoek kunt gebruiken. Bij Wing was het core business geworden, we hadden Proces Consultancy op ons visitekaartje staan. Het is een vak dat niet bij iedereen past. Procesbegeleiding vraagt om specifieke competenties. Het is een vak dat je al doende steeds beter onder de knie krijgt. Ik zou oppassen om het er even bij te doen. Met een slordig proces doe je deelnemers en klanten geen plezier. We hebben geleerd dat je de rollen van procesbegeleider en onderzoeker in een proces het beste kan scheiden. Een onderzoeker moet kunnen spitten en problematiseren. De procesbegeleider moet er juist op gericht zijn tegenstellingen te overbruggen en empathie te tonen naar alle deelnemers. Wageningen UR heeft een helder profiel met onderzoek en onderwijs als kernactiviteiten. Er is denk ik ook geen echte ambitie om daar proces consultancy aan toe te voegen. Dat wij nu op eigen benen staan is het resultaat van een natuurlijk groeiproces.’

Prof. Cees Leeuwis, hoogleraar Communicatie en innovatiestudies[img]
‘Het is heel simpel. Als je iets in de wereld wilt veranderen en je wilt dat je onderzoek ook landt, dan zul je je met het proces moeten bemoeien. Nu hebben we in de wetenschap eigenlijk maar één smaak, dus dan moet een onderzoeker dat maar doen. Soms kies je ook bewust voor distantie. Bijvoorbeeld als je onderzoek doet naar de rol van procesbegeleiding. Dan moet je dat kritisch ter discussie durven stellen en enige afstand nemen. Daarmee wil ik niet zeggen dat onderzoek met interactie minder betrouwbaar zou zijn. Het principe is simpel: vragen zijn nooit neutraal, maar de antwoorden kunnen dan nog wel verkregen worden door degelijk en onafhankelijk onderzoek.’

Prof. Aede de Groot, emeritus hoogleraar Organische chemie[img]
‘Het artikel De transitie van de onderzoeker in Resource 18 heeft me verbaasd en ook weer niet. Laat ik voorop stellen dat ik niets tegen procesbegeleiding heb, zolang iets maar niet verkocht wordt als onafhankelijk onderzoek. In de organische chemie doen we geen participatief onderzoek. Je doet aan wetenschap en de onderzoeksresultaten zijn de onderzoeksresultaten. Het wordt misschien wel lastiger als je dicht tegen toepassingen aanzit. Ik vind het wel gevaarlijk als iedereen zich maar onderzoeker noemt. Procesbegeleiding kun je volgens mij in ieder geval niet onder dezelfde noemer brengen als onafhankelijk onderzoek. Noem het kind gewoon bij zijn naam.’

Re:ageer