Wetenschap - 1 januari 1970

Post/ Koolstofopslag

Het artikel ‘Bodem kan geen extra CO2 binden’ in Wb13 van 20 april gaat wat kort door de bocht. Daarin wordt op basis van het aangehaalde artikel in de Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS) geconcludeerd dat de mogelijkheden om via planten extra CO2 in de bodem vast te leggen beperkt zijn.

De auteurs hebben een computerstudie uitgevoerd op basis van geselecteerde publicaties over pot- en veldstudies. Zij hebben meer dan veertig publicaties in hun analyse betrokken en geconcludeerd dat hogere CO2-gehaltes in de atmosfeer niet zullen leiden tot meer CO2 -vastlegging in de bodem door gewassen, zonder er meer nutriënten aan toe te voegen.
Helaas zijn er in de literatuurlijst in het PNAS-artikel geen titels van de publicaties opgenomen, zodat het zonder veel speurwerk niet mogelijk is om na te gaan onder welke klimaatsomstandigheden de resultaten zijn verkregen en om welke gewassen het gaat.
In het Wb-artikel zegt prof. Van Breemen: ‘Op wereldschaal vormt het landbouwareaal maar een heel klein onderdeel. Bovendien is er, even afgezien van graslanden, altijd sprake van een zeer korte gewascyclus waarbij nauwelijks organische stof in de bodem wordt opgebouwd’.
Nu bestaat ongeveer de helft van het aardoppervlak uit gras- en rangeland en veel daarvan komt in de tropen voor. Er zijn vrij veel onderzoeksresultaten gepubliceerd over CO2-vastlegging door tropische graslanden. Zo hebben Fisher c.s. (1994) in Nature gemeld dat in de llanos van Colombia 237 t C/ha onder een zes jaar oud onbemest grasland van het gras Andropogon gayanus en de vlinderbloemige Stylosanthes capitata was opgeslagen, waarvan ongeveer de helft op een diepte van veertig tot honderd centimeter. De onverbeterde savanne op arme grond zonder bemesting op de zelfde plaats legde 186 t C/ha vast over dezelfde periode. Op een andere plaats was er onder onverbeterd grasland 197 t C /ha, onder het geselecteerde gras Brachiaria humidicola zonder bemesting en zonder vlinderbloemige, 223 t C/ha en onder het mengsel van dit gras met de vlinderbloemige Arachis pintoi 268 t C/ha. De opslag van C op deze diepte kan verklaard worden door de diepe beworteling van deze tropische C4-grassen. En dit zijn slechts een paar voorbeelden.

Prof. L.’t Mannetje, emeritus hoogleraar Graslandkunde

Re:ageer