Organisatie - 1 januari 1970

Post/ Integrated Water Management

Integrated Water Resources Management (1)
Dear Mr Kropff, congratulations on your new job as rector magnificus of Wageningen UR! We wish you success in this challenging position and were pleased to read about your main targets in this job: the strengthening of the position of Wageningen UR as a leading partner in the knowledge about natural resources management and life sciences, and the strengthening of the education at Wageningen UR in both a national and international context.
Having these targets in mind, we would like to draw your attention to the current critical situation of Integrated Water Resources Management (IWRM) at Wageningen UR as we read in Wb19 (16 June 2005) and know from our own experience. We believe that considerable progress could be made in this field, which would strengthen both the position of Wageningen UR as a partner, as well as the education given at the university.
IWRM has gained a lot of attention internationally in recent years. Targets have been set at various levels to improve management of our water resources and maintain them for the future. Examples are the targets formulated by the Global Water Partnership (GWP) and the development of the Water Framework Directive. Yet Wageningen UR does not have a strong and visible IWRM chair. On the other hand, WUR is participating in a number of international projects to establish IWRM study programmes, both MSc and postgraduate. So in our opinion there is sufficient momentum to warrant investing in a proper IWRM programme!
Currently IWRM is a part of the Hydrology and Quantitative Water Management group. Despite interest from many students, it is not possible to write a masters thesis on IWRM. Due to the fact that there is only a 0,0 professor (one day a week), there is no thesis with the name Integrated Water Resources Management. Students can do a thesis subject on IWRM, but it falls under the name Hydrology and Quantitative Water Management. In addition, the number of places is limited due to a lack of staff.
Another problem is that, due to the BSc/MSc structure, students can only write one thesis in their department (major), resulting in a smaller number of students who have the possibility to write a thesis in IWRM (minor). A solution would be to form a visible and strong chair group with sufficient staff that would be responsible for an inter-specialisation or separate MSc in IWRM, open to students with a BSc in Land use Planning, Hydrology, Environmental System Analysis or International Land and Water Management.
The potential to develop such a programme is already present at Wageningen UR. An example can be found in the River 21 project, an opportunity for participants to meet students from other countries with the same interests and to train in skills such as debating, cooperation and inter-cultural communication. The project has been internationally recognised as an innovative method of learning and it is a part of the IWRM toolbox developed by the GWP. Until now though, the project has been an international event in the Scheldt river basin, and only 4-6 WUR students could participate each year. There are ideas to develop a Dutch version and make it a course open to a larger number of interested WUR students. This could be done in cooperation with for example a water board, another opportunity for the university to improve its position as a partner in know-how on this field. Finances are still lacking for this, however.
Another way to make better use of the qualities available at Wageningen UR would be through cooperation with groups such as Law and Governance, and Communication and Innovation Studies. They have a lot of know-how, which is certainly valuable for an IWRM programme that aims to integrate social and hard sciences. So far Wageningen UR has not offered its students a framework within which these fields can be combined. There is an MSc in International Land- and Water Management, but this programme places more emphasis on tropical regions, soil- and water conservation and irrigation. IWRM in European River Basins is a gap which must be seen as an opportunity to fill, and would attract a growing number of students.
Students that have specialised in IWRM have shown themselves to be people who like to take on a challenge. They can be found all over the world, improving the management of our water resources and acting as ambassadors of Wageningen UR. IWRM education deserves a better position at a university that aims to be a leading partner in knowledge on natural resources management.

Karin Andeweg, Mirjam Bloemerts, Vasileios Dakos, ir Anne-Geer de Groot, Wietske Keetman, ir Allard Koopal, Annebeth Loois, ir Jeroen Neuvel, Eric Oosterhof, Ralph Raes, ir Tim Smit, Carlo Steenbergen, Martijn Steenstra, ir Jasper Tamboer, Mathijs van Vliet, ir Karel van den Wijngaard

Integrated Water Resources Management (2)
Op 16 juni 2008 lezen wij in het Wageningen Universiteitsblad het volgende bericht: 'Voor het tweede achtereenvolgende jaar heeft Wageningen Universiteit (WU) een aantal studenten teleur moeten stellen. Het maximale aantal deelnemers voor de master opleiding integraal waterbeheer is bereikt. De opleiding is een ware hit en getuigt van de visie en het doortastende optreden van de raad van bestuur. Expertise van Wageningen UR wordt regelmatig gevraagd voor onderzoeksprogramma’s op het gebied van beta-gamma integratie en het ontwikkelen van onderwijsprogramma’s in andere landen. Reden: In crisistijd (zomer 2005) heeft men de wil gehad te investeren in een groeimarkt voor de toekomst en gezorgd voor een stevige leerstoel Integraal Waterbeheer met een duidelijk profiel.'
Terug naar het heden. Op 16 juni 2005 kopt het Wb ‘Integraal Waterbeheer nodig maar onzichtbaar’. De crisis is compleet. In de studiegids is geen afstudeervak integraal waterbeheer meer opgenomen. Kern is dat het vaste team te klein van omvang is (1 docent voor 0,75 fte en een 0,0 hoogleraar) om enerzijds naast het reguliere onderwijs aan onderwijsvernieuwing te kunnen werken en voldoende inzet te garanderen voor lopend promotieonderzoek en een aantal internationale projecten. Door de huidige situatie kan een aantal nieuwe kansen (voor onderzoek en onderwijs) niet succesvol worden verzilverd.
Dankzij externe financiering (vervanger voor de onderwijstaken) en een onderzoeksbeurs is de vaste docent in de afgelopen drie jaar in de gelegenheid gesteld om door middel van een promotieonderzoek een begin te maken met het ontwikkelen van een duidelijk profiel. Met ingang van 1 september 2005 loopt het contract van de vervanger echter ten einde, terwijl het promotieonderzoek nog niet is afgerond. Voor het komende onderwijsjaar (2005-2006) komt daarmee ook het reguliere onderwijs in gevaar.
Sinds 1996 wordt aan WU onderwijs in integraal waterbeheer verzorgd. Aanvankelijk opgestart op initiatief van Rijkswaterstaat, is de discipline uitgegroeid tot een belangrijk bestanddeel van drie BSc-opleidingen: Bodem, water, atmosfeer, Internationaal land- en waterbeheer en Milieusysteemanalyse. In de loop der jaren is het jaarlijks aantal deelnemende studenten aan het vak HWM-21306 (feitelijk een brede inleiding op integraal waterbeheer) gegroeid van 35 tot 60 studenten. Ook studenten uit andere studieprogramma’s (landgebruikplanning, biologie, recht- en bestuur, bos- en natuurbeheer, communicatie- en innovatiestudies) nemen het vak op in hun vrije keuzeruimte. In verband met de omschakeling naar een Engelstalige editie is ook de instroom van MSc-studenten groeiende en is het accent verschoven van een puur Nederlandse naar een Europese context.
Vanuit het ‘team integraal waterbeheer’ binnen de universiteit wordt ook onderwijs verzorgd voor het MSc-vak Integrated watershed management (ESW-30306: gericht op het beheer van rivierstroomgebieden). Het internationaal erkende RIVER21 concept (interactieve lesmethode voor ontwikkelen van een toekomstvisie voor grensoverschrijdende watersystemen in een interculturele context) is een van de geesteskinderen van het team. Jaarlijks worden gemiddeld acht tot tien studenten begeleid in een afstudeervak. Er is een toenemend aantal initiatieven voor het ontwikkelen van studieprogramma’s en post-academische trainingsmodules (zo verzorgt het team een PHLO cursus over de Europese Kaderrichtlijn Water). Zo is inzet gevraagd voor projecten in Jemen, Iran, Ukraïne, Wit-Rusland, Rusland en Polen. Nieuwe kansen dienen zich in toenemende mate aan.
Er is geen leerstoelgroep met een formele leeropdracht integraal waterbeheer, maar een 0,0 hoogleraar (voor één dag in de week). Gevolg is dat er geen zelfstandig afstudeervak met de naam integraal waterbeheer is opgenomen in de studiegids. Studenten kunnen nog wel een onderwerp integraal waterbeheer doen onder de naam ‘Hydrologie en kwantitatief waterbeheer’, welke de lading niet dekt.
De RIVER21-module (onderdeel van de toolbox voor integraal waterbeheer van het Global Water Partnership) wordt met kunst en vliegwerk wel verzorgd (samen met docenten uit Frankrijk en België), maar is geen onderdeel van de reguliere studieprogramma’s. De module staat wel in de studiegids (HWM-90306), maar tegenover het verzorgen ervan staan geen inkomsten. Omdat dit een internationaal samenwerkingsproject is kunnen er ook maar vier tot zes studenten van WU per jaar deelnemen. Voor het verder ontwikkelen van dit concept naar een volwaardige variant die openstaat voor meer studenten van WU (en waar belangstelling voor is vanuit waterschappen) is geen investeringsruimte (lees: staf en financiële middelen).
Tenslotte, studenten uit het MSc-studieprogramma Internationaal land- en waterbeheer vragen in toenemende mate naar een derde specialisatie. Naast de twee meer op (sub-)tropische gebieden gerichte specialisaties is er behoefte aan een specialisatie integraal waterbeheer in een Europese context.
Om het bericht in de Wb van 16 juni 2008 werkelijkheid te maken zal men in de voetsporen moeten treden van de universiteiten van Twente en Delft waar een aparte leerstoel Integraal waterbeheer is ingericht. Als Wageningen UR nu investeert kan een leerstoel met een vaste staf (tenminste 1,6 fte) en geleid door een hoogleraar (tenminste 0,5 fte) worden verankerd in het nieuwe leerstoelenplan. De huidige 0,0 hoogleraar heeft het startsein gelost door een discussie te starten over een specialisatie integraal waterbeheer met een eigen afstudeervak. Voorstellen hiertoe worden nu ontwikkeld in drie opleidingscommissies, te weten Milieusysteemanalyse, Internationaal land- en waterbeheer en Hydrologie en waterkwaliteit.
De specialisaties kunnen voor een deel uit bestaande vakken worden opgezet, aangevuld met nieuwe modules (zoals een te ontwikkelen Nederlandse variant van het River21-concept en goede voorbeelden uit de voor Jemen en andere landen ontwikkelde MSc’s). In het kader van beta-gamma integratie kunnen gesprekken worden gevoerd voor verdere samenwerking met vakgebieden als landgebruiksplanning, (internationaal) recht en bestuur en communicatie- en innovatiestudies. Afstemming zal plaats moeten vinden met de programma’s van Van Hall-Larenstein. Samenwerking met Alterra/ILRI, PHLO en IAC zal worden geïntensiveerd.
Studenten die een specialisatie hebben afgerond beschikken over goede beleidsanalytische vaardigheden, zijn sterk in strategisch plannen, denken en handelen en omgevingsgerichte oordelingsvorming en beschikken over heldere communicatieve vaardigheden (in woord en geschrift). In september 2006 kunnen de specialisaties van start gaan.
Let wel: Om dit alles mogelijk te maken is er voor de komende jaren is een extra investeringsimpuls nodig voor het regelen van EXTRA personele inzet voor een interimperiode, totdat de formatie van de nieuwe leerstoel is geregeld. Komt die ruimte er niet, dan zal het verzorgen van het reguliere onderwijs op korte termijn in gevaar komen, en kan er niet gewerkt worden aan onderwijsvernieuwing en verder uitbouwen van het onderzoeksprofiel. Investeringen die tot nu toe zijn gedaan zullen dan geen rendement gaan opleveren. Gezien de studentenaantallen, de kansen voor de toekomst en goede voorbeelden van andere Nederlandse universiteiten mag Wageningen UR zich dit niet laten gebeuren!

Leo Santbergen, Annemiek Verhallen

Integrated Water Resources Management (3)
In reaction to the article 'Integrated Water Management necessary but invisible' (Wb 16-6-2005) I would like to contribute a few considerations on the role of integrated water resources management (IWRM) in an institution like Wageningen UR from the perspective of an MSc student and from my experience in the international water management sector. Within the international arena there has been widest recognition that IWRM is a necessary prerequisite for sustainable development, particularly through the Johannesburg Plan of Implementation. At the big international forums on water resources management (e.g. the World Water Forum and the World Water Week in Stockholm) IWRM implementation has a well established place on the agenda. As a global concept it naturally needs to be interpreted in each national or river basin context to balance the various existing pressures on the water system. This interpretation requires researchers with the ability to think on a water system scale, and who are able to integrate social, environmental and economic processes into their assessment.
At Wageningen UR there is a very active group providing research and education in IWRM, although it is too understaffed to be able to capitalise on all available opportunities. However, what is missing is a consolidated specialisation or MSc Programme, including the full range of social and natural sciences required for IWRM. The MSc in International Land and Water Management is a step in the desired direction. However, this MSc seems to focus much more on erosion and irrigation processes with a regional scope on the (sub-)tropics. There seems to be a need for a more policy oriented specialisation or MSc programme aimed at educating people for IWRM in the context of other regions, in particular European river basins.
Finally, I believe that a real strength of Wageningen UR is that it gives students the ability to see their specialist knowledge within wider societal or development contexts, as this enables them to critically apply (technical) tools to solve societal problems and not as an end in themselves. Strengthening research and education in the field of IWRM would be a further step in that direction that would contribute to keeping up with the international research agenda in water resources management.

Joachim Saalmüller, Geneva, Switzerland

Re:ageer