Wetenschap - 1 januari 1970

Poolonderzoekers vinden uitbundig leven onder ijs

Dr. Jan Andries van Franeker en zijn drie collega's van Alterra Texel zijn weer thuis na een vermoeiende maar enerverende expeditie langs de kust van Antarctica. Meeliftend op een Duitse ijsbreker visten ze met hun speciaal ontwikkelde visnet onder het ijs. Het zeeijs blijkt niet de ijswoestijn die het lijkt, en is volgens de onderzoekers van verrassend grote betekenis voor het Antarctische ecosysteem.

De Polarstern, het onderzoekschip van het Duitse Alfred Wegener Institut, kliefde drie weken lang door het zeeijs van de Lazarev Zee, het Antarctische water ten zuiden van Afrika. Het kwik daalde tot onder de -20 graden Celsius, maar Van Franeker deerde het weinig. Het was voor hem de elfde keer dat hij deze wateren mocht bevaren. Voor zijn minder ervaren collega's ing. André Meijboom, Michiel van Dorssen en Hauke Flores was het meer een beproeving.
Zuidpooldiehard Van Franeker maakte zijn reizen in de regio vooral om vogels te onderzoeken, maar kreeg gaandeweg meer oog voor de grotere verbanden in het ecosysteem. Het oppervlak zeeijs rond het Antarctisch continent varieert van ongeveer vier miljoen vierkante kilometer in de zomer tot zo’n twintig in de winter.
De rijkdom aan vogels en zeezoogdieren in Antarctica bestaat dankzij deze enorme ijsgebieden, stelt Van Franeker. ,,Zeeijs is niet de ijswoestijn die het op het eerste gezicht misschien lijkt. IJsalgen, die tegen de onderkant van het ijs groeien vormen een belangrijke basis van de voedselketen. Biologische productie in het ijs moet naar mijn mening gezien worden als "de motor" achter het systeem van hogere Antarctische levensvormen. Veel meer dan de algenproductie in open water.''
Ook promovendus Flores is enthousiast: ,,We hebben gezien dat zich onder het ijs veel meer afspeelt dan altijd werd gedacht. Ik denk ook aan de gangen in het zeeijs waar ontelbare organismen leven.'' Van Franeker vervolgt: ,,De ijsalgen zetten een hele keten in gang. Eerst klein tot middelgroot zooplankton als copepoden en jong krill dat de algen afgraast. Deze trekken groter zooplankton en vissen die van het kleine zooplankton leven. Vervolgens grotere vis en inktvis die op het zooplankton aast. En ten slotte de toppredatoren zoals de walvis.''
Het biologisch belang van het ijs wordt weliswaar steeds breder onderkend, maar is nog nauwelijks onderzocht. Het leven in en onder het zeeijs is om praktische redenen vaak genegeerd door biologen. ,,Met het huidige Alterra-onderzoek proberen we aan te tonen hoe belangrijk het Antarctisch zeeijs is voor het ecosysteem.'' Onderkenning van het ecologisch belang van het Antarctisch zeeijs en de manier waarop de voedselketen is opgebouwd, is noodzakelijk voor het inschatten van mogelijke consequenties van klimaatsverandering en voor het visserijbeleid voor het Antarctisch gebied, zegt Van Franeker.
Traditioneel zeeonderzoek waarbij meetapparatuur in het water naar beneden wordt gelaten, levert weinig op. Van Franeker en zijn promovendus Flores hebben daarom een nieuwe methode uitgeprobeerd om het leven onder het ijs te inventariseren. Met een door Alterra zelf uitgedacht nieuw visnet dat achter de ijsbreker hangt en opzij onder het ijs geleid wordt, naast de het weggebroken ijs. Het visnet is bevestigd aan wielen die onderlangs het ijs rollen. ,,De tocht die we nu net achter de rug hebben was de eerste echte praktijktest van ons 'hersenspinsel'. En het werkt. Het net deed waarvoor het bedoeld was, namelijk vissen onder het zeeijs! Massa's krill vingen we. Dit zijn planktonische diertjes, ook wel lichtgevende garnalen genoemd, die een belangrijke voedselbron vormen voor onder meer walvissen en pinguïns. Maar naast krill vind je ook de kleinere algen en daarnaast vis en inktvis.''
Van Franeker denkt dat speciaal de ijsalgen die in en onder het ijs zitten van groot belang zijn.
Dat de organismen onder en in het ijs het hele Antarctische ecosysteem 'onderbouwen' betekent dat het afsmelten van het zuidpoolijs een acute en serieuze bedreiging is voor het functioneren van het Antarctisch systeem, waarschuwt de bioloog. De komende maanden gaat hij met zijn collega's de meegenomen samples nader onderzoeken en verder broeden op ecologische inzichten. Ook plannen ze de volgende expeditie, in het midden van de Antarctische winter, waarbij het gemakkelijk veertig graden kan vriezen. De tocht die ze net hebben gemaakt voltrok zich in de zomer, voor ervaren poolonderzoekers een eitje.

Hugo Bouter

Re:ageer