Wetenschap - 1 januari 1970

‘Polyfenolen nog niet in prullenbak’

Er is geen bewijs voor de theorie dat anti-oxidanten in groenten, fruit, thee en andere plantaardige producten de kans op kanker verkleinen. Dat zeggen onderzoekers van Rikilt in een overzichtsartikel voor de American Journal of Clinical Nutrition. Toch blijft tweede auteur dr Peter Hollman geloven in deze polyfenolen.

De eerste experimenten, tientallen jaren geleden uitgevoerd door Amerikaanse onderzoekers, waren veelbelovend. Onderzoekers injecteerden ratten met kankerverwekkende stoffen, maar gaven ze ook een keur van natuurlijke plantenstoffen. Tot hun verbazing zagen ze dat de plantenstoffen het ontstaan van kanker afremden. Doorredenerend dachten ze dat een hoge consumptie van groenten, fruit en thee de kans op ziekten als kanker verminderden.
‘We hadden hoge verwachtingen’, zegt Peter Hollman. ‘Maar die zijn niet uitgekomen. De proeven waren kennelijk een model dat de werkelijkheid niet dicht genoeg benadert.’ Samen met dr Ilja Arts schreef Hollman een overzichtsartikel over de eens gevierde plantenstoffen die wetenschappers polyfenolen noemen. Het is een grote groep verbindingen die afgeleid zijn van de aminozuren tyrosine of phenylalanine. In reageerbuizen vangen ze agressieve verbindingen, de vrije radicalen, weg. Zo zouden ze kunnen voorkomen dat de vrije radicalen gezonde cellen in kankercellen veranderen.
Een verleidelijke theorie. Maar de studies die hem leken te bewijzen zijn onderuit gegaan. ‘In die studies vergeleken onderzoekers groepen patiënten met groepen gezonde mensen. Toen bleek inderdaad dat kankerpatiënten minder groenten en fruit, en dus ook minder polyfenolen, binnenkregen dan gezonde mensen. Maar achteraf realiseerden we ons dat dat kwam omdat de patiënten door hun ziekte anders waren gaan eten.’
Toen er gegevens kwamen uit studies waarbij dat methodologische mankement was verholpen, bleek dat een hoge inname van groenten en fruit – en dus ook van polyfenolen - niet beschermde tegen kanker. ‘Er zou misschien een verband kunnen zijn met longkanker’, zegt Holman. ‘Maar een breed beschermend effect is niet gevonden.’
Diezelfde verbeterde studies suggereren wel dat polyfenolen de kans op hart- en vaatziekten verminderen. Of dat werkelijk zo is moet nog blijken in interventies. Verder is nog niet uitgezocht of deze plantenstoffen beschermen tegen astma, bronchitis of longemfyseem. ‘Er zijn aanwijzingen in die richting’, zegt Hollman.
Het probleem met dit soort onderzoek is dat er nog weinig bekend is over hoeveel en welke stoffen er precies in voedingsmiddelen zitten, en misschien nog wel minder over hoe polyfenolen zich in het lichaam gedragen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het nieuwe boegbeeld van Rikilts onderzoek naar polyfenolen, de lignanen. ‘Lignanen vind je in de wanden van plantencellen’, zegt Hollman. ‘Je komt lignanen in legio voedingsmiddelen tegen, van lijnzaad tot thee. Ze kunnen misschien verklaren waarom volkoren producten met veel vezels bescherming tegen sommige ziekten bieden.’ Ook de gezondheidsbevorderende werking van vezels staat nu ter discussie. In een drie jaar durende interventiestudie met tarwevezels hebben onderzoekers in ieder geval geen gezondheidseffecten kunnen vinden.
Maar nieuwe ontdekkingen maken duidelijk dat de vezeltheorie nog niet overboord mag. Bacteriën in de dam zetten lignanen om in enterolactone en enterediol, en het lichaam neemt ze daarna op. Toen Finse onderzoekers bepaalden of de concentraties van die twee stoffen samenhingen met een verminderde kans op ziekte, vonden ze sterke verbanden. Hoe meer enterolactone en enteridiol er in het lichaam circuleert, des te lager is de kans op hart- en vaatziekten.
Hollmans project, het ophelderen van de rol van polyfenolen in het lichaam, heeft financieel de wind tegen. Volgens de onderzoeker is dat te wijten aan de koers van de oude geldschieter LNV. ‘LNV concentreert zich tegenwoordig op de voedselveiligheid’, zegt Hollman. ‘Onderzoek naar stoffen die je juist gezonder zouden moeten maken valt daarbuiten, en daarom heeft LNV onlangs de financiering stopgezet.’
Toch gaat Hollman door. ‘We hebben nu een Europees project binnengehaald. Daar kunnen we voorlopig mee vooruit.’ / WK

Re:ageer