Wetenschap - 23 mei 2016

Politiek ecologen praten over natuur, macht en geweld

tekst:
Albert Sikkema

Een internationaal netwerk van politiek ecologen komt begin juli bijeen in Wageningen om onderzoek naar de relatie tussen geweld, grondstoffen en natuur te bespreken. Organisator Stasja Koot: ‘Onze kapitalistische economie heeft gevolgen voor lokale gemeenschappen en natuur.’

<foto: palmolieplantage>

Politiek ecologen onderzoeken bijvoorbeeld het geweld tussen stropers en beveiligingsbedrijven in natuurparken. Of de strijd om land of grondstoffen in de Kalahari-woestijn of het Amazonegebied. Of de relatie tussen de ontwikkeling van palmolieplantages in Indonesië en het leefgebied van de orang-oetan. Steeds is er een ecologisch probleem waarbij machtsrelaties en de politieke elementen een rol spelen, verklaart Koot, onderzoeker bij de leerstoelgroep ‘Sociologie van Ontwikkeling en Verandering’.

Met onderzoekers van verschillende andere Wageningse leerstoelgroepen vormt hij een soort verbond van politieke ecologen. Naast de groep van Koot en hoogleraar Bram Büscher doen bijvoorbeeld ook de groepen Milieubeleid, Culturele Geografie, Bos- en Natuurbeheer, Water Management en ‘Kennis Technologie en Innovatie’ aan onderzoek waarin ecologische problemen door een sociologische, bestuurlijke of politicologische bril worden bekeken. Samen kijken deze Wageningse groepen welke onderzoeksthema’s ze begin juli gaan bespreken met hun buitenlandse collega’s.

Steeds is er een ecologisch probleem waarbij machtsrelaties en de politieke elementen een rol spelen

Koot zelf deed onderzoek naar de ‘politics of belonging’, ofwel het verkrijgen van eigendomsrecht op basis van ‘inheemsheid’ bij de San in de Kalahari-woestijn in Namibië, Botswana en Zuid-Afrika. Omdat haar leefgebied onder druk staat, claimt deze inheemse bevolkingsgroep bepaalde rechten op land en hulpbronnen. Daarbij zet ze haar ‘inheemsheid’ in als politiek middel. Koot stelde vast dat de groep van San opeens veel groter werd toen een inheemse claim op land was gehonoreerd door de Zuid-Afrikaanse overheid. De inheemsheid gaf toegang tot bezit en vormde daarbij een factor in het beheer van de woestijn en natuurlijke hulpbronnen.

Ook rond de ontginning van grondstoffen in ontwikkelingslanden spelen veel politieke conflicten, net als rond de toegang tot water, vertelt Koot. Daarbij kijken de politiek ecologen expliciet naar de politieke en economische machtsrelaties. Koot: ‘Onze kapitalistische economie heeft gevolgen voor lokale gemeenschappen en natuur. We kijken bijvoorbeeld naar de ontginning van natuurgebied voor palmolieplantages in Indonesië omdat wij die olie gebruiken in onze biobased economy. Of de mensenrechten van arbeiders in Chinese fabrieken en de milieuvervuiling daar omdat wij kleding en i-pads uit dat land kopen. De globalisering van het kapitalisme speelt ook een rol bij land grabbing, waarbij communale gronden worden toegewezen aan multinationale ondernemers.’

Ook rond de ontginning van grondstoffen in ontwikkelingslanden spelen veel politieke conflicten, net als rond de toegang tot water

Op de conferentie verwacht Koot ruim driehonderd deelnemers, wier presentaties worden geclusterd in 63 panels. Daarbij zijn niet alleen onderzoekers, maar ook ngo’s. ‘We willen juist inleidingen vanuit verschillende perspectieven, en daarmee discussie’, zegt Koot. Zo houdt de Zuid-Afrikaanse activist Kumi Naidoo, voormalig directeur van Greenpeace, een keynote speech. Koot: ‘De ngo’s maken deel uit van het gesprek, ze presenteren ook papers. Er is naast inhoudelijke discussie ook ruimte voor politieke statements.’

De Wageningse groepen organiseren de conferentie samen met de School of Oriental and African Studies van de University of London. Zij organiseren samen ook een vijfdaagse Summer School over politieke ecologie voor dertig promovendi op de campus. Deze Summer School zit al vol, licht Koot toe, maar studenten en promovendi zijn van harte welkom op de conferentie.


Re:ageer