Wetenschap - 1 januari 1970

Planners onderschatten functie trapveldje

In de wijk Hoogstede Klingelbeek in Arnhem wil de gemeente 110 woningen bouwen. Volgens dr Henk de Haan en ir Mirjam Koedoot van de leerstoelgroep Sociaalruimtelijke analyse houdt de gemeente hierbij te weinig rekening met het buurtleven.

Buurtbewoners gebruiken open plekken in de buurt nu als wijngaard, dierenweitje - met geit Niels en hangbuikzwijn Betje - moestuin en trapveldje. Met een sociaal-cultureel zeer levendige wijk als gevolg, aldus de onderzoekers.
De bouwplannen in Hoogstede Klingelbeek - dat ten westen van Arnhem ligt langs de Rijn - betekenen een verdubbeling van het aantal woningen in de wijk. De Haan en Koedoot kregen via de Wetenschapswinkel de vraag van buurtvereniging Hoogstede Klingelbeek om te onderzoeken wat de effecten van de bouw zouden zijn op het leefklimaat in de wijk. 'Wij voorspellen dat de kwaliteit zal afnemen', stelt Koedoot. 'Al is het moeilijk te kwantificeren of te begroten.' De onderzoekers hebben naar eigen zeggen ongeveer de helft van alle bewoners gesproken, en kregen daardoor een goed beeld van de wijk.
Hoogstede Klingelbeek is geen probleemwijk, aldus De Haan en Koedoot. 'De wijk staat in Arnhem op een gedeelde eerste plaats qua leefbaarheid', vertelt Koedoot. De onderzoekers denken dat dit ook één van de redenen is dat er in de planning weinig aandacht wordt besteed aan de leefbaarheid in de wijk. De klachten die de bewoners hebben over de bouwplannen worden vaak afgedaan als gezeur. Maar dat is onverstandig, menen de onderzoekers.
Planners moeten ook meer kijken naar de open plekken in een wijk, vinden De Haan en Koedoot. In Hoogstede Klingelbeek benutten de bewoners de open plekken om samen wijn te maken, om te tuinieren, om Pasen te vieren, voor de jaarlijkse buurtbarbeque en als ontmoetingsplek. 'Mensen nemen hun visite er mee heen', vertelt Koedoot. Dat er in Hoogstede Klingelbeek gebouwd moet worden is een feit, want Arnhem heeft verder niet al te veel plek. Maar de gemeente moet bij de planning wel meer rekening houden met de manier waarop de open plekken het sociaal-culturele buurtleven vitaal houden. / MW

Re:ageer