Wetenschap - 1 januari 1970

Persoonlijk portret van Naardermeer

Voor Alterra-medewerker Albert Beintema was het Naardermeer in zijn jeugd het 'verlengde van de achtertuin'. In het boek 'Het begon met het Naardermeer' schrijft hij: 'Wij maakten daar boomhutten en valkuilen, die achteraf bezien gevaarlijker waren voor de bejaarde buurman dan voor de indianen en beren die onze primaire doelgroep vormden.'

De titel 'Het begon met het Naardermeer' verwijst in meerdere opzichten naar een begin. Het Naardermeer staat natuurlijk - als het eerste door Natuurmonumenten aangekochte natuurgebied van Nederland - voor het begin van het natuurbehoud. Maar voor Beintema - alweer decennia ecoloog bij Alterra - was het Naardermeer in het begin van de jaren zestig ook het begin van zijn carrière als ecoloog.
Jarenlang, seizoen na seizoen, wandelde, klauterde en voer de jonge Beintema - met toestemming van Natuurmonumenten - door het natuurgebied. Hij hield als middelbare scholier en student biologie dagboeknotities bij van zijn tochten, die welwillend werden gelezen door de directeur van Natuurmonumenten.
'Even naar Kale Dijk gefietst', schreef Beintema op 26 januari 1962. 'Flinke golfslag. Boven het Kromme Gat zweefde een kiekendief. Een troepje snippen suisde voorbij. Over het Grote Meer vloog een troep van zeker honderd kieviten in noordelijke richting. Boven de spoorlijn vloog een partijtje eenden.'
In 2004 herhaalde Beintema in de maanden januari, mei, juli en september zijn tochten door het natuurgebied. De dagboeknotities van de biologiestudent van weleer zijn in het boek gecombineerd met het dagboek van de onderzoeker van nu. De toon is anders geworden. '...Er kwam een witte vogel aanvliegen tussen de aalscholvers in de Westtocht. Lepelaar? Nee, aalscholver! De vleugels waren nagenoeg geheel wit, rug en buik met hier en daar een zwarte veer, en de kop was grijzig. Albino!'
De twee dagboeken zijn de kapstok waaraan Beintema het verhaal ophangt over een eeuw Naardermeer. Naast de dagboeknotities verhaalt hij over het ontstaan van het gebied, de bemoeienis van de natuurbeschermers van het eerste uur Jac. P. Thijsse en Eli Heijmans met de bescherming ervan, de kooikers, molenaars en rietsnijders die via het gebied hun boterham verdienden, en de laatste visser op het meer, Jan Hoetmer, die zich ontpopte als natuurgids. Zo ontstaat een persoonlijk en liefdevol portret van het oudste natuurmonument van Nederland. / MW

Albert Beintema, Het begon met het Naardermeer - 100 jaar natuurmonument, Fontaine, ISBN 9059560795, 24,90 euro.

Re:ageer