Wetenschap - 19 juni 2008

Parasiet striga houdt niet van kunstmest

De parasitaire plant striga, die grote schade toebrengt aan gewassen in Afrika en Azië, maakt gebruik van hulpkreten van gewassen om een geschikte waardplant te vinden. Kunstmest zou een oplossing kunnen vormen, want planten die niets te klagen hebben, roepen niet om hulp.

Striga
Striga

Foto: Aad van Ast

Dat stelde prof. Harro Bouwmeester, de nieuwe hoogleraar plantenfysiologie, tijdens zijn inaugurele rede op donderdag 12 juni. Bouwmeester kreeg in 2005 een Vicibeurs van onderzoeksfinancier NWO om de relatie tussen striga en zijn waarplanten te onderzoeken.
Onder andere uit zijn onderzoek bleek dat striga gebruikmaakt van signaalmoleculen die de wortels van planten uitscheiden. Planten scheiden lage concentraties zogenaamde strigolactonen uit. Die vormen voor strigazaadjes in de bodem het sein dat ze kunnen ontkiemen. De plant scheidt de stoffen niet uit om de plantenparasiet te helpen, maar om schimmels te lokken. Die schimmels krijgen suiker van de plant, in ruil voor meststoffen zoals fosfaat en stikstof. Een plant die verlegen zit om die groeibevorderaars scheidt meer strigolactonen uit om schimmels te lokken, en roept daarmee ongewild het onheil over zich af als er strigazaadjes in de bodem liggen.
Bouwmeester zou graag onderzoeken hoe de schaarse kunstmest in Afrika het best ingezet kan worden om striga te bestrijden. Hij riep onderzoeksfinancier Wotro, die onderzoek betaalt dat ten goede moet komen aan ontwikkelingslanden, op om geld vrij te maken voor ‘puur technologische projecten’. Op dit moment is daarvoor volgens Bouwmeester bijna geen geld te vinden, terwijl de Afrikaanse landbouw het onderzoek ‘echt nodig heeft om in te kunnen spelen op de groeiende behoefte aan voedsel op het continent’.

Re:ageer