Organisatie - 12 december 2013

Paprika

Vol overgave zong ik zelf Zuid-Afrikaanse strijdliederen in het 1 Mei-koor, in de tijd dat Mandela in de gevangenis zat. De ritmes en de vierstemmige samenklanken raken je ziel. Ik krijg nog steeds een brok in mijn keel als ik het Nkosi Sikelel’i Afrika hoor of de baspartij meezing.

Het is onbegrijpelijk dat politiek, kerk en wetenschap apartheid zo lang ondersteunden. Ik kan me zelfs een artikel uit Trouw herinneren waarin beschreven stond dat in de 19-de eeuw iemand gepromoveerd was op de juistheid van apartheid. En vanuit het geloof waren er theologen die beweerden dat alle afrikanen nazaten waren van Cham, de zwarte en verdoemde zoon van Noach. Rassendiscriminatie is een ontsporing van de mensheid en daar streden we tegen; Ik zong met nog meer overtuiging.

Maar nu wordt Mandela begraven. Na Mahatma Ghandi en Martin Luther King de derde held in mij leven.  Zij hebben me geholpen om dienstweigeraar te worden.

Ik heb de afgelopen dagen opnieuw mijn boeken over Mandela doorgebladerd en hier en daar wat gelezen.

Eén ding viel me nu op: Mandela had in de gevangenis op Robbeneiland een tuintje. Op 10 bij 1 meter teelde hij tomaten, uien, paprika en spinazie. Niet voor hemzelf maar voor de medegevangenen zodat de eeuwige maïspap aangevuld werd met verse groenten. Later ook zelfs voor de bewakers en hun gezinnen op Robbeneiland.

In zijn gevangenschap was de tuin een plek vol pracht en regelmaat, een stilteplek, een plaats voor hernieuwing. De tuin was een schuilplaats voor de beroering en stormen in de wereld. Van daaruit kon hij zijn hoofdtaak vervullen: Strijden voor een vrije samenleving op basis van gelijkheid. Zijn belangrijkste wapens waren Verzoening en Vergeving. Nooit geweten dat een tuintje zo belangrijk voor hem was.

Ik neem me heftig voor om mijn tuin in 2014 nieuw leven in te blazen.


Re:ageer