Organisatie - 12 oktober 2006

Paniek in Deventer over verhuizing naar dorp

Met stickers, een estafetteloop naar het Binnenhof en andere ludieke acties lieten studenten van de Deventer vestiging van Van Hall Larenstein in de jaren tachtig zien dat ze niet wilden dat hun school naar Velp verhuisde. Ze kregen hun zin: de locatie Deventer bleef zitten waar die zat. Voor zolang het duurde.

Gerard Harleman was destijds student aan de Rijkshogere Landbouwschool in Deventer, zoals die toen nog heette. ‘In 1988 werd ineens bekend dat we gingen fuseren en waarschijnlijk naar Velp zouden gaan. Er was meteen grote paniek’, aldus Harleman. ‘Deventer was een stad waar we erg van hielden. En dan zouden we naar het dorp Velp moeten. Dat was echt een achteruitgang. Ook de historische band met de stad speelde mee. De oude tropische landbouwschool heeft altijd in Deventer gezeten.’
De school was het jaar daarvoor al in gesprek met de agrarische hogescholen in Boskoop, Wageningen en Velp. Aanleiding was de STC-operatie in het hoger beroepsonderwijs, wat stond voor schaalvergroting, taakvergroting en concentratie. De drie scholen fuseerden tot Hogeschool Larenstein, met in eerste instantie als vestigingsplaats Velp. Dat laatste viel vooral in Deventer verkeerd.
‘Studenten hielden allerlei ludieke acties’, herinnert Harleman zich. ‘We maakten stickers, en we hebben bij de IJsselbrug de plaatsnaamborden van Deventer vervangen door borden met Velp. Verder hielden we een handtekeningenactie. We hadden veel steun van de lokale bevolking, en van de burgemeester en het bedrijfsleven. Ook de docenten en de directie stonden achter ons.’
De grootste protestactie was die op het Binnenhof in Den Haag, waar de 24 duizend handtekeningen werden aangeboden aan de Tweede Kamer. Ze werden op een originele manier in Den Haag bezorgd. ‘We hebben een estafetteloop gehouden van Deventer naar Den Haag. Om middernacht vertrok de eerste student uit Deventer. De laatste arriveerde ’s middags met de handtekeningen in Den Haag.’ Daar stonden honderdvijftig medestudenten, die met bussen naar de stad waren gekomen, op hem te wachten.
Of het kwam door het protest van de studenten of toch door de lobby van onder meer de directie en de burgemeester; de Tweede Kamer besloot dat de school in Deventer moest blijven. De fusie tot Larenstein ging door, maar Deventer bleef als nevenvestiging bestaan.
In de jaren erna werd het voortbestaan van de vestiging nog meerdere keren ter discussie gesteld. In 2002 besloot het college van bestuur van Van Hall Larenstein – het product van alweer een volgende fusie - ‘het schooltje’ te sluiten. Niet voor een verhuizing naar Velp, maar naar Wageningen. Het riep weerstand op bij menig docent en student, maar dat was niets vergeleken met de protesten in de jaren tachtig.
Harleman noemt Wageningen op zich een mooie plek voor een landbouwhogeschool. ‘Maar toch is het jammer. Ik zit bij de reünistenvereniging van Nji Sri en daar hebben we het er veel over gehad. Ik had het idee dat de reünisten er veel emotioneler onder waren dan de huidige studenten. Zij hebben ook wel geprotesteerd tegen de verhuizing, maar dat mag eigenlijk geen naam hebben. Voor ons leek het in ieder geval een stuk belangrijker.’

Re:ageer