Wetenschap - 11 december 2008

PLANT VERRAADT VERBRANDING FOSSIELE KOOLSTOF

Wageningse en Groningse metereologen doen onderzoek met aardappelplanten, maïs en wijn. Dat zijn volgens dr. Wouter Peters van de leerstoelgroep Meteorologie en luchtkwaliteit uitstekende instrumenten om te achterhalen hoeveel CO2 in de lucht afkomstig is van fossiele brandstoffen.

Druiven leggen CO2 vast, en dat is later in wijn terug te vinden. De Langedoc als koolstof-klok.
Druiven leggen CO2 vast, en dat is later in wijn terug te vinden. De Langedoc als koolstof-klok.

Foto: .

Hoeveel CO2 zit er op een bepaald moment in de lucht en waar komt dat vandaan? CO2 in de lucht kun je gewoon meten. Maar dat is volgens meteoroloog Peters een lastig en tijdrovend karwei. Een klusje dat je beter en gratis door de natuur zelf kunt laten doen; de plant als monsternemer van de lucht.
Groningse onderzoekers onder leiding van prof. Harro Meijer hebben daar al een methode voor ontwikkeld. Zij gebruikten wijn uit alle windstreken van Europa om daarmee het aandeel CO2 uit fossiele brandstoffen in de lucht te bepalen. De basis van de methode is gelijk aan die van de oudheidsdatering met radioactief koolstof-14. Deze koolstofisotoop komt in de natuur in uiterst kleine hoeveelheden voor. In dode materie verdwijnt het in de loop der tijd, door radioactief verval. ‘Daardoor kun je C14 als een soort kalender of klok gebruiken’, legt Peters uit. ‘Hoe minder C14, hoe ouder de koolstof. En uit fossiel koolstof is het helemaal verdwenen.’
Van dat gegeven maken de onderzoekers gebruik. Het gehalte aan C14 in de onderzochte wijn verraadt het gehalte aan fossiel CO2 in de lucht op de plaats waar de wijn vandaan komt. Maar wat met wijn kan, kan ook met andere landbouwproducten. Peters: ‘Elke plant die relatief snel groeit en elk jaar wordt geoogst kan in principe een goede afspiegeling zijn van de C14 in de lucht.’
Maar daarmee is nog niks bekend over waar die lucht vandaan komt, legt Peters uit. ‘Afhankelijk van de windrichting kun je in Duitsland wel een signaal meten afkomstig van lucht uit Nederland en omgekeerd. Wat je meet is dus afhankelijk van de meteorologie.’ En daar komt de Wageningse expertise in beeld. Peters gaat zich bezighouden met de interpretatie van de gemeten signalen en de modelvorming. ‘Ik ga uitzoeken wat voor lucht die plant heeft gezien.’ Het onderzoek sluit daarmee goed aan bij de studie naar de koolstofbalans waarvoor Peters een vidi-beurs heeft gekregen.
Maar dat is nog maar de eerste stap. Peters kijkt al veel verder. ‘Als we dit eenmaal kunnen is het makkelijk om het principe uit te breiden. Je zou bijvoorbeeld alle scholieren van Nederland een dagje op pad kunnen sturen om planten te plukken. Die meet je door en zo krijg je een fossielekoolstofkaart van Nederland.

Re:ageer