Wetenschap - 1 januari 1970

Overleven ondanks Mugabe

President Mugabe heeft, zo lijkt het, doelbewust de economie van Zimbabwe om zeep geholpen om zo de bevolking te kunnen controleren. Van modernisering is hij wars, terwijl landbouwvoorlichting en irrigatie daarop waren gestoeld. Een studie van een irrigatiestelsel werpt licht op de algemene economische en politieke crisis in Zimbabwe.

Dr Alex Bolding bij de foto’s van twee van zijn ‘helden’: Emery Delmond Alvord en Jan Pronk. / foto Guy Ackermans

Promovendus dr Alex Bolding beschrijft in zijn proefschrift het verhaal van de opkomst en ondergang van een irrigatiestelsel in de vallei van de Nyanyadzirivier in Zimbabwe. Het verhaal begint in de jaren twintig van de vorige eeuw met Emery Delmond Alvord, een ambitieuze Amerikaanse missionaris. Alvord was aangesteld door de koloniale regering van Rhodesië als ‘landbouw instructeur voor Afrikanen’ en zette een landbouwvoorlichtingsdienst op die de zwarte boeren moderne landbouwmethoden moest bijbrengen.
Aanvankelijk was die modernisering succesvol. Voorlichters organiseerden competities onder boeren. Voorlopers gaven het goede voorbeeld met het gebruik van irrigatiewater, kunstmest en hoogopbrengende variëteiten. Bij zulke demonstraties was ook de zaaizaadindustrie betrokken.
Maar de spreiding van kennis verliep niet zoals gehoopt. De modernisering gaat uit van toegang tot water, land en geld en arme boeren hebben dat niet. Gevolg is dat de demonstraties jaar in jaar uit bij dezelfde succesvolle boeren werden gehouden. En de boeren die succesvol zijn, investeren hun geld niet in de landbouw, maar in de opleiding van hun kinderen, die buiten de landbouw gaan werken. ‘En zo leidt het moderniseringsproject van Alvord niet tot een meer ontwikkelde landbouw, maar tot een nieuwe middenklasse van bureaucraten in de stad’, stelt dr Alex Bolding.

Verzet
Alvord stond ook aan de wieg van een modern irrigatiestelsel dat volgens hem de honger buiten de deur zou houden. Ook dat stelsel was succesvol. Opmerkelijk is dat dit succes uiteindelijk het grootste probleem van het gebied zou worden. Door de irrigatie ontstond meer welvaart. De rijkere boeren wilden zich verder ontwikkelen maar werden daarin beperkt door de apartheid van de regering Smith. Verzet tegen de apartheid bood een uitweg. Later zou juist in het irrigatiegebied ook verzet tegen de politiek van Mugabe ontstaan. Politiek verzet ontstaat dus juist in moderne irrigatiestelsels, stelt Bolding. Hij weerlegt daarmee andere theorieën die stellen dat grootschalige irrigatiestelsels juist bijdragen aan dictatoriale regimes.
Na de onafhankelijkheid veranderde er eigenlijk weinig in de landbouwpolitiek van Zimbabwe. De nadruk bleef liggen op modernisering. De feitelijke verandering kwam pas met de landhervormingen van president Mugabe in 1998. Bolding: ‘De strategie van Mugabe lijkt op die van Pol Pot. Iedereen moest land krijgen en blanke boeren werden van hun boerderijen verdreven. Die werden vervangen door een zwarte elite die de partij van Mugabe steunen, maar die waren geen boer.’ Veel landbouwproductie verdween daardoor. Met de blanken ging ook de zaaizaadindustrie weg, die ooit goed ontwikkeld was in Zimbabwe. Werd voorheen hybride zaad met hoge opbrengst gebruikt, nu is dat weer verdwenen.

Monopolie
‘Mugabe heeft bovendien geen visie op de landbouw en is tegen modernisering en tegen intellectuelen in het algemeen’, zegt Bolding. De bureaucraten rondom de landbouw, de kinderen van de rijke boeren, werden daardoor in de armen van de oppositie gedreven. Naarmate de terreur van Mugabe sterker werd, vluchtten steeds meer van die hoogopgeleiden naar het buitenland. ‘Dat is te zien in de Zimbabwaanse diaspora in Engeland en Zuid Afrika: zo’n drie miljoen mensen. Twintig procent van hen heeft aan een universiteit gestudeerd.’
De crisis van de economie lijkt Mugabe goed uit te komen. De landbouwvoorlichtingsdienst houdt zich momenteel vooral bezig met het uitdelen van voedsel aan Mugabe-getrouwen. Mugabe heeft het transport van maïs door anderen verboden, zodat hij een monopolie op voedsel heeft. En hij heeft de eerstvolgende verkiezingen uitgeschreven voor maart, een maand voor de volgende oogst. Wie niet op Mugabe stemt, komt dus om van de honger.
Uit de Zimbabwaanse economie krijgt Mugabe weinig inkomsten meer. De belangrijkste bronnen van geld – tabak en toerisme – zijn zo goed als verdwenen. Het benodigde geld voor voedsel en leger krijgt Mugabe nu uit de oorlog in Congo. Volgens Bolding vormen de concessies voor mijnbouw in ruil voor militaire bescherming van Kabila tegenwoordig de belangrijkste huidige inkomsten van Zimbabwe.

Martelcampagne
Het oorspronkelijke verzet tegen de koloniale staat in het welvarende irrigatiesysteem keerde zich na de onafhankelijkheid tegen Mugabe. De regio koos een blanke vertegenwoordiger, waarop Mugabe een martelcampagne in de regio begon. Alle oppositieleden werden vermoord of verdreven. Bolding vertelt dat hij in deze periode, rond 2002, niet in zijn onderzoeksgebied kon komen. ‘Zou ik als blanke bij mensen op bezoek gaan, dan zouden die de volgende dag gemarteld worden door de geheime dienst.’
Niet alleen de landbouwvoorlichting en het irrigatiestelsel moesten het ontgelden. Ook juridische pogingen om de irrigatie te moderniseren werden kansloos onder Mugabe. Hoewel er in 1998 nog een moderne waterwet werd aangenomen waardoor watergebruiksraden werden ingesteld, werden die in 2000 op lokaal niveau weer verboden toen bleek dat de raden centra van oppositie tegen Mugabe werden. Bolding denkt dat Mugabe zichzelf door al deze terreur zeker heeft gesteld van herverkiezing dit jaar. Bolding: ‘In 2000 dreigde Mugabe niet herkozen te worden door de grote internationale en binnenlandse druk. Maar nu zijn de kansen voor de oppositie voorbij.’

Eigen initiatieven
Hoewel de economie en het bestuur in puin liggen, betekent dat niet dat alle ontwikkeling onmogelijk is, besluit Bolding zijn proefschrift toch nog hoopvol. ‘Donoren en beleidsmakers denken vaak dat als er geen formele regels zijn, er chaos heerst. Maar dat is niet zo. De rol van de staat wordt vaak overschat. Ook door het Nederlandse ministerie van ontwikkelingssamenwerking met haar nadruk op goed bestuur.’
Juist in die gebieden waar nooit interventie door de overheid plaatsvond, blijken mensen zelf initiatieven te hebben genomen om meer te produceren door toch te irrigeren. Niet met veel technische middelen als pompen, maar met zelf gegraven kanalen die door middel van eenvoudige en flexibele afspraken beheerd worden. ‘Wie bijgedragen heeft aan het graven van een kanaal heeft daarmee het recht op watergebruik verworven. Er zijn geen organisaties voor opgericht, maar het werkt wel.’

Joris Tielens

Alex Bolding promoveerde op 15 december 2004 bij prof. Linden Vincent, hoogleraar irrigatie en waterbouwkunde, en prof. Niels Röling, hoogleraar kennissystemen in ontwikkelingslanden.

Re:ageer