Wetenschap - 1 januari 1970

Overheidsbeleid op nieuwe voeding broodnodig

Overheidsbeleid op nieuwe voeding broodnodig

Overheidsbeleid op nieuwe voeding broodnodig


Marketeers hebben nog geen pakkende verzamelkreet verzonnen, maar de producten liggen overal op de planken van de supermarkten. Functional foods: levensmiddelen met de claim gezondheidsbevorderend te zijn. Onlangs nog werd de cholesterolverlagende margarine Benecol geïntroduceerd

De overheid weet zich niet goed raad met de nieuwe voeding, omdat deze zich beweegt in het juridische schemergebied tussen de Warenwet en de Wet Geneesmiddelen. Er is dus jurisdictie op medische claims (X geneest darmkanker) en op gezondheidsclaims (X helpt de darmwerking te verbeteren). De preventieve claims van de nieuwe levensmiddelen (X helpt de darmwerking te verbeteren en helpt daardoor darmkanker te voorkomen) vallen tussen wal en schip

De filosofen prof. dr Michiel Korthals en dr Henk van den Belt en de communicatiewetenschappers dr Hedwig te Molder en dr Noëlle Aarts van Wageningen Universiteit deden in opdracht van LNV onderzoek om uit deze dilemma's tot een eenduidig overheidsbeleid te komen. In tegenstelling tot sommige Wageningers, zoals prof. dr Martijn Katan, pleiten zij tegen een scherpe scheiding tussen medicijnen en voeding, omdat zo'n scheiding controle op het schemergebied moeilijker maakt

De controle is toch al niet waterdicht. Zo omzeilde Pharma Nord het verbod van de reclamecodecommissie om te adverteren met de niet bewezen medische claims op producten als Bio-Folium Plus en Bio-Calcium+D3+K1 heel simpel met de uitgave van een huis-aan-huis-blad waarin de producten via journalistieke verhalen werden aangeprezen

Om te voorkomen dat consumenten dankzij dit soort praktijken ook het vertrouwen in deugdelijke nieuwe levensmiddelen verliezen, moet de overheid gerichte voedingsvoorlichting geven, vinden de onderzoekers. De vertrouwde schijf van vijf is daarbij niet meer heilig, want in de huidige samenleving bestaat een grote verscheidenheid aan eetpatronen. Eenduidige voedingsvoorlichting is moeilijk. Voorlichting voor speciale groepen, zoals ouderen en minder draagkrachtigen, lijkt de onderzoekers zinvoller. Minder draagkrachtigen kunnen het zich immers niet veroorloven om met cholesterolverlagende margarine van 18 gulden te experimenteren

De Wageningse onderzoekers stellen daarnaast voor om het consult bij een diëtiste te laten betalen door het ziekenfonds, om zo het gemis van de schijf van vijf op te vangen. Bovendien is nieuw onderzoek nodig naar de manier waarop consumenten met nieuwe voeding omgaan. Want nieuwe voeding kan voor bijvoorbeeld ouderen heel zinvol zijn. Gebrek aan foliumzuur kan bij vrouwen voor de duur van de zwangerschap opgevangen worden door pillen, maar mensen boven de 65 kampen voortdurend met dit gebrek. Dan is een met foliumzuur verrijkt voedingsproduct volgens voedingswetenschappers te verkiezen boven pillen

Eerste vereiste voor consumentenvertrouwen is echter dat de medische, de preventieve en de gezondheidsclaims honderd procent betrouwbaar zijn. De voedingswetenschappers die claims toetsen worden voor een deel gefinancierd met ander onderzoek in opdracht van de levensmiddelenindustrie. Om elke schijn van afhankelijkheid te vermijden, pleiten de onderzoekers voor een volledig onafhankelijk instituut voor voedingsonderzoek. Korthals hoort over dit plan positieve geluiden uit het veld. Het bedrijfsleven ziet in een soort patent op nieuwe voedingsproducten een goede ruil voor de investeringen die ze doen in onderzoek en onafhankelijke toetsing. M.W

Re:ageer