Wetenschap - 20 juni 2019

Opstaan voor biodiversteit - ‘Kleine stapjes zijn niet genoeg, er is systeemverandering nodig’

tekst:
Roelof Kleis

Er dreigt een kaalslag onder planten en dieren. Dat staat in het Ipbes-rapport waar WUR-hoogleraar Esther Turnhout aan meeschreef. Veel narigheid is volgens haar nog te voorkomen, als we bereid zijn om drastische keuzes maken – ook bij WUR. ‘Wageningen heeft bijgedragen aan de huidige toestand van de biodiversiteit.’

tekst Roelof Kleis  foto Aldo Allessie

Ipbes stelt in zijn rapport dat een miljoen soorten planten en dieren met uitsterven worden bedreigd. Hoe erg is dat?

‘Ik vind dat erg. Voor mij is de diversiteit van leven iets dat de moeite waard is. Dat wij mensen zo’n belangrijke bijdrage leveren aan die achteruitgang doet mij pijn. En heel veel mensen delen dat. Daarnaast kunnen wij zonder die diversiteit niet leven.’

Het Ipbes schat dat er 8,1 miljoen soorten zijn. In het ergste geval verdwijnen er een miljoen. En het grootste deel daarvan kennen we nog niet eens. Wat is het probleem?

‘Het is jammer, die discussie over dat miljoen, want die leidt af van waar het echt om gaat: de achteruitgang van het aantal soorten en de snelheid waarmee we habitat vernietigen. Het gaat zo hard dat we op een gegeven moment echt in de problemen komen. Het rapport noemt vijf onderliggende oorzaken, waarvan het landgebruik door de landbouw de belangrijkste is. Er wordt heel veel land ontbost voor de productie van soja, palmolie en vlees. En dat neemt nog altijd toe.’

Jullie roepen op tot ‘transformative action’. Wat is dat?

‘De boodschap is dat incrementele veranderingen – kleine stapjes – niet genoeg zijn. Er is verandering op systeemniveau nodig. Dat is geen revolutie, in de zin dat je alles wegveegt en helemaal opnieuw begint, maar je pakt wel het probleem bij de wortels aan, bij de diepere oorzaken. Natuurbescherming is niet het antwoord; met grotere nationale parken of meer beschermde gebieden gaan we het niet redden. We moeten niet aan de ene kant schadelijk beleid in stand houden en tegelijkertijd wat extra geld stoppen in natuurbeheer. We moeten aan de knoppen draaien die ertoe doen.’

Wat betekent dat op nationale en internationale schaal?

‘De overheden en grote bedrijven zijn aan zet. Overheden moeten een aantrekkelijker klimaat creëren voor duurzame productie en consumptie. Dat kan via wet- en regelgeving, belastingen en subsidiestelsels. Bedrijven moeten zich aan strengere eisen houden en transparanter zijn over de mate waarin zij bijdragen aan biodiversiteitsverlies.’

De klimaatmarsen en demonstraties geven mij hoop

Wat kan WUR doen?

‘In reactie op het rapport hebben nogal wat mensen tegen me gezegd dat juist Wageningen heeft bijgedragen aan de huidige toestand van de biodiversiteit. Die mensen hebben een punt. Het dominante geluid binnen Wageningen is nog steeds dat we door industriële exportlandbouw de wereld moeten voeden. De stemmen die zeggen dat het ook anders kan, komen minder sterk naar buiten.’

Zitten we niet middenin een transitie naar een duurzamere, circulaire landbouw?

‘Ik ben daar minder optimistisch over. Kringlooplandbouw is een stap in de goede richting, maar is niet per definitie ook goed voor de biodiversiteit. De kennisopbouw over natuurinclusieve landbouw kan extra steun gebruiken. De technische oplossingen zijn er, maar er is te weinig kennis over hoe we die kunnen implementeren en opschalen en hoe we de omwenteling teweeg kunnen brengen. Wellicht is Wageningen aan het veranderen, maar dat is nog niet zo duidelijk voor de buitenwereld. Dat hoor ik van burgers, andere universiteiten en ministeries. Het vereist extra inspanning om dat zichtbaar te maken. Een expliciete afrekening met en transparantie over het verleden hoort daarbij. Een van de reacties die ik kreeg is dat Wageningen eigenlijk eerst “sorry” moet zeggen. Daar kan ik wel in meevoelen.’

Wat kunnen jij en ik doen om de afname van de soortenrijkdom te stoppen?

‘Ik vind dat een lastige vraag. Consumentengedrag is belangrijk, maar daar gaat het volgens mij op dit moment niet om. Je mag de verantwoordelijkheid voor de bescherming van de biodiversiteit niet op de schouders van de individuele burger leggen. Dat leidt de aandacht af van de rol van de grote bedrijven en de overheid.’

Ik kan toch in de winkel voor de duurzame optie kiezen?

‘Alleen mensen met genoeg geld kunnen dat. Het is een eliteverhaal. Het idee van keuzevrijheid – dat de consument kan kiezen uit vijf kipkeurmerken met verschillende levenskwaliteit – vind ik heel raar. Het inperken van die keuzevrijheid is voor veel burgers best oké.’

Alleen nog maar duurzame producten in de schappen?

‘Ja. De echte taak van burgers met betrekking tot de biodiversiteit, is niet die van consument maar die van politieke actor. Ik ben geïnspireerd geraakt door sociale fenomenen als de klimaatmarsen en Extinction Rebellion. Dat is wat burgers kunnen doen: laten zien dat het menens is, dat de problemen met vervuiling, klimaatverandering en het uitsterven van soorten te ernstig zijn om over te laten aan individuele consument. De marsen en demonstraties geven mij hoop. Dat is de weg voorwaarts: we hebben één groot probleem en dat is dat we niet duurzaam omgaan met de aarde – ons huis. Het is evident dat als we zo doorgaan, het leven een stuk minder prettig wordt.’


Ipbes: ‘Ongekende achteruitgang natuur’

De achteruitgang van de biodiversiteit gaat sneller dan ooit in de geschiedenis van de mens. Dat staat in het eerste Global Assessment van het Intergovernmental Science-Policy Platform on Biodiversity and Ecosystem Services (Ipbes), dat begin mei in Parijs werd gepresenteerd. Bij het rapport waren zo’n 150 experts betrokken. Esther Turnhout, hoogleraar Politics of Environmental Knowledge, schreef mee aan het hoofdstuk over beleidsopties die naar een betere toekomst kunnen leiden.



Re:ageer