Wetenschap - 1 januari 1970

Oplevend Wageningen ontvangt kroonprins

Oplevend Wageningen ontvangt kroonprins

Oplevend Wageningen ontvangt kroonprins


Nooit eerder heeft de Wageningse opening van het academisch jaar zoveel in
de media teweeggebracht als dit jaar. Theater Junushoff was nog niet
leeggestroomd, of de nieuwssite Nu.nl en Radio 1 deden al verslag. Ze
wisten zelfs dat Wageningen tegenwoordig Wageningen Universiteit en
Researchcentrum heet.
Het is te danken aan kroonprins Willem-Alexander, die vier dozijn
verslaggevers en fotografen naar Wageningen had gelokt. De timing voor
zoveel media exposure was perfect: voor de instituten is zwaar weer op
komst, maar met Wageningen UR gaat het goed.

Collegevoorzitter prof. Aalt Dijkhuizen was opmerkelijk ontspannen tijdens
het moment dat voor hem toch een persoonlijke triomf moet zijn geweest. Het
aantal nieuwe studenten is verder gestegen, kon hij de aanwezigen
vertellen. Hoewel hij nog geen definitieve cijfers had, zag het er naar uit
dat voor het eerst in jaren de instroom van vwo’ers was gestegen. Ook
financieel gaat het goed, zei hij: voor de DLO’s ligt er dan wel een fikse
vermindering van financiële middelen in het verschiet, daar staat tegenover
dat Wageningen goed heeft gescoord in het wetenschappelijke zesde
kaderprogramma van de Europese Unie. De toegestroomde media zullen het niet
hebben beseft, maar het is lang geleden dat een Wageningse
collegevoorzitter zijn toehoorders op de opening van het academisch jaar
zoveel goed nieuws kon vertellen. Ze hadden meer oog voor de kroonprins,
die na Dijkhuizens inleiding het podium besteeg.
Willem-Alexanders verhaal ging – uiteraard – over water. De kroonprins trok
een parallel tussen wat er gebeurt in de landbouw en in het waterbeheer.
Beide systemen zijn in de loop van de vorige eeuw met wetenschappelijke
kennis gerationaliseerd en geperfectioneerd. Aanvankelijk met positieve
gevolgen, maar nu komen de schaduwzijden van die benadering aan het licht
in de vorm van overbemesting, milieuverontreiniging, onvoldoende
bergingscapaciteit en ecologische armoede. Van Wageningen verwacht de prins
dat het die keerzijden aanpakt.
In West-Nederland speelt bijvoorbeeld het probleem van de verzilting. Om de
tuinbouw daar in stand te houden moeten waterschappen zoet water van elders
aanvoeren. Op termijn zou dat wel eens te duur kunnen worden. Wageningen
zou de landbouw kunnen helpen door de ontwikkeling van nieuwe gewassen die
tegen brak water bestand zijn.
In de derde wereld, vervolgde de prins, spelen nog grotere problemen. Door
verdroging en verzilting van landbouwgronden dreigt de groeiende bevolking
daar te verhongeren. De Wageningse moleculair technologen kunnen planten
ontwikkelen die tegen die condities bestand zijn. De prins besefte dat
gentechnologie een beladen onderwerp is waarover de meningen loodrecht op
elkaar staan. Toch verwacht hij dat Wageningen doorgaat met het onderzoek
in die richting. | W.K.

Re:ageer