Wetenschap - 1 maart 2007

Opleiding houdt allochtoon slank

Onder Nederlanders van Surinaamse, Antilliaanse, Turkse en Marokkaanse afkomst komt overgewicht vaker voor dan onder autochtone Nederlanders. Dat schrijven Wageningse onderzoekers in Obesity. Investeren in onderwijs is de oplossing.

‘Het feit dat niet-Westerse allochtonen vaker te zwaar zijn dan autochtonen heeft voor een deel te maken met opvattingen over welstand’, zegt dr. Judith Cornelisse-Vermaat, verbonden aan de leerstoelgroep Marktkunde en consumentengedrag. ‘In deze groepen leeft nog het idee dat een hoog lichaamsgewicht een teken is van welstand. Je ziet ook dat allochtonen minder vaak te zwaar zijn als ze hoger zijn opgeleid. Door opleiding verliest dat idee waarschijnlijk aan belang.’
De vetzuchtepidemie onder allochtonen treft de Turkse Nederlanders het zwaarst, en de Marokkanen het minst. Bij alle onderzochte etnische groepen, inclusief de Nederlandse autochtonen, zijn mannen vaker te zwaar dan vrouwen. De enige groep die wat dat betreft afwijkt, is die van de Surinamers. Onder Surinamers is de kans dat vrouwen te zwaar zijn groter dan de kans dat mannen te zwaar zijn.
Je moet de verschillen tussen Nederlanders en allochtonen niet overdrijven, benadrukt Cornelisse-Vermaat. ‘Van de zwaarst getroffen groep, de Turkse mannen, is 54 procent te zwaar. Bij autochtone Nederlandse mannen is dat 48 procent.’
Cornelisse-Vermaat onderzocht ook verbanden tussen gezondheid en opleiding. Allochtonen zijn vaker gezond naarmate ze meer opleiding hebben. Bij autochtonen is zo’n verband er niet. Bij autochtonen weten alle opleidingsgroepen waarschijnlijk even goed de weg in de gezondheidszorg te vinden.
Voor allochtonen is opleiding kennelijk nog belangrijker dan voor autochtonen. ‘Als je de gezondheid van allochtonen wilt verbeteren, is het vooral belangrijk om te investeren in opleiding’, concludeert de onderzoeker.

Re:ageer