Organisatie - 1 januari 1970

Opgelaten wachten op wat komen gaat

,,Waar kunnen we ons inschrijven?’’ Een vader met papieren onder zijn arm drentelt ongeduldig rond voor Unitas, een bedeesd rondkijkende dochter in zijn kielzog. De twee worden gewezen op de tafels waarvoor aankomend eerstejaars stilletjes staan te wachten.

Studenten die zich al hebben ingeschreven, zoeken naar het vlaggetje met hun groepsnummer erop. Ze schudden verlegen de handen van hun mentoren en groepsgenoten. Namen worden genoemd, maar aan de reacties te zien ook meteen weer vergeten. Op de bankjes wordt plaatsgemaakt voor de nieuwkomers. En dan begint het opgelaten wachten op wat komen gaat.
Bij groepje 33, al deels getooid met rieten hoeden, verdwijnt af en toe een hand in de grote zak snoep op tafel. Kauwgeluiden vullen de ongemakkelijke stiltes. Dat ze over een paar dagen geen schaamte meer zullen kennen en elkaar als oude boezemvrienden om de hals zullen vliegen, daar kunnen de eerstejaars zich nog niets bij voorstellen.
Verderop zijn twee mentoren druk met hun telefoontjes. Ze voeren de nummers van hun AID-kindjes in. Slechts één van ‘hun’ eerstejaars heeft geen mobieltje. "Die krijgt straks een gastoeter voor als ze ons kwijt is."
Bij KSV wordt een jongen door zijn hele familie uitgezwaaid. Pa houdt de slaapzak van zoonlief in zijn hand en de rugzak van de introloper is bijna groter dan het kleine broertje dat er mee rondrent. Als de familie met de andere drie kinderen naar de rode stationwagon loopt, slaat vader een arm om zijn vrouw. Hun kleine jongen is groot geworden. | Y.d.H.

Re:ageer